Betekenis Joodse begraafplaats

Wat betekent Joodse begraafplaats? Hieronder vind je 125 betekenissen van het woord Joodse begraafplaats. Je kunt ook zelf een definitie van Joodse begraafplaats toevoegen.

1.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse Begraafplaats Kuyerhuislaan is gelegen aan de Kuyerhuislaan in het Zwolse stadsdeel Herfte. De dodenakker op de Luurderschans werd in 1980 geruimd.
Bron: nl.wikipedia.org

2.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Drift te Dalen is voornamelijk gebruikt in de periode vóór de bouw van de synagoge met begraafplaats in Coevorden in 1768. Voordat in 1768 de synagoge van Coevorden werd gesticht begroeven de Joden van Dalen (in Drenthe) hun doden op een eigen begraafplaats die even buiten Dalen was gelegen. Volgens de joodse leer en traditie was het van belang dat een begraafplaats in de loop der eeuwen onaangeroerd zou blijven, opdat eens de overledenen opgewekt zouden kunnen worden om terug te keren naar Israël (gebaseerd op Ezechiël 13). De Joodse gemeenschap van Dalen heeft er nauwlettend voor gezorgd dat deze regels in acht werden genomen, ook nadat zijzelf gebruik gingen maken van de joodse begraafplaats in Coevorden. Het aantal Joden in Dalen was slechts gering in aantal. In 1942 werden van de zestien Joodse inwoners van Dalen er dertien weggevoerd en vermoord. Hun namen zijn te lezen op het opschrift bij deze begraafplaats. Vanaf 1997 werd gewerkt aan de restauratie van de oude begraafplaats. Dat jaar werd een gedenksteen geplaatst (zie foto). Met het plaatsen van een hek was in juli 2001 de restauratie voltooid. Op de begraafplaats staat slechts één grafsteen, die van Samuel Visser. Hij overleed in 2001 en werd dus pas na de restauratie van de begraafplaats begraven. Hoeveel mensen in totaal hier zijn begraven en wat er met de andere grafstenen is gebeurd, is niet bekend.
Bron: nl.wikipedia.org

3.

0   0

Joodse begraafplaats


Een Joodse begraafplaats is een voor de Joden heilige plaats, waar zij hun doden begraven. Het jodendom kent meerdere namen voor begraafplaats, waaronder: Bet Chajiem (huis van het leven) Bet Olam (huis van de wereld) Bet Kevarot (huis der graven). ↑ Begraafplaats | Joods Historisch Museum | Joods Cultureel Kwartier. www.jhm.nl Geraadpleegd op 2016-01-04
Bron: nl.wikipedia.org

4.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Veenhuizen is in de negentiende eeuw gebruikt ten behoeve van de Joodse overledenen, die geplaatst waren in of werkzaam waren bij de gestichten van de Maatschappij van Weldadigheid in Veenhuizen in de Nederlandse provincie Drenthe.
Bron: nl.wikipedia.org

5.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Gees is een begraafplaats aan de Geeser esch waar de Joodse bevolking van Gees in Drenthe voor 1920 werd begraven. De Joodse begraafplaats lag op betrekkelijk grote afstand van het dorp aan de Geeser esch tussen de dorpen Gees en Oosterhesselen. In het dorp Gees woonde in de 19e eeuw een kleine Joodse bevolkingsgroep. Het waren nakomelingen van een Westfaalse koopman, wiens zoon zich rond 1830 in Gees vestigde. Anno 2007 is er op de begraafplaats nog slechts één grafsteen te vinden. Het is de grafsteen van het echtpaar Mozes Simons en Selina Soosman en hun dochter Roosje Simons. Andere nazaten van de familie Simons-Soosman zijn al in het begin van de 20e eeuw naar het westen van het land getrokken en in de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers in de vernietigingskampen Sobibór en Auschwitz vermoord. Op de grafsteen valt te lezen: Gees viel onder de Joodse gemeenschap van Coevorden. Zowel het boek Pinkas als de website van het Joods Historisch Museum noemen de plaats Gees niet in hun lijsten.
Bron: nl.wikipedia.org

6.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Den Haag ligt in de Archipelbuurt, aan de Scheveningseweg schuin tegenover het Vredespaleis.
Bron: nl.wikipedia.org

7.

0   0

Joodse begraafplaats


De kleine Joodse begraafplaats behorende bij het Nederlandse kerkdorp Schimmert, gemeente Nuth, ligt in het gehucht Groot-Haasdal, op de Kleverberg, in het verlengde van de Kleverstraat/Kleverbergstraat, aan de rand van het Ravensbos.
Bron: nl.wikipedia.org

8.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Ter Apel dateert van 1886. Ze is gelegen in een bos, nabij de Schotslaan. Er staan 35 grafstenen, waarvan een groot deel van de familie De Jonge. De oudste steen is uit 1887 (Mozes Josef). In Ter Apel woonde in de negentiende eeuw een kleine joodse gemeenschap. In 1883 werd een synagoge gesticht en in 1886 een begraafplaats aangelegd. Ter Apel fungeerde als een regionaal centrum voor de in de omgeving wonende joodse bevolking. In de twintiger jaren van de 20e eeuw woonden er circa 60 joden in Ter Apel. Bijna alle joden uit Ter Apel zijn in de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers weggevoerd en in de vernietigingskampen vermoord. Er is een monument in Ter Apel opgericht ter nagedachtenis aan de 49 slachtoffers van de Holocaust.
Bron: nl.wikipedia.org

9.

0   0

Joodse begraafplaats


Een Joodse begraafplaats is een voor de Joden heilige plaats, waar zij hun doden begraven. Het jodendom kent meerdere namen voor begraafplaats, waaronder: Bet Chajiem (huis van het leven) Bet Olam (huis van de wereld) Bet Kevarot (huis der graven). ↑ Begraafplaats | Joods Historisch Museum | Joods Cultureel Kwartier. www.jhm.nl Geraadpleegd op 2016-01-04
Bron: nl.wikipedia.org

10.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Oirschot is gelegen aan De Kemmer en dateert uit het begin van de 19e eeuw. De oudste nog aanwezige grafsteen van de in totaal 8, stamt uit 1845. Drie van de acht grafstenen zijn voor de leek onleesbaar: de grafschriften zijn volledig in het Hebreeuws geschreven. Deze drie grafstenen zijn tevens de oudste grafstenen op deze begraafplaats. Overigens wordt aangenomen dat er nog meer mensen op deze begraafplaats ten ruste zijn gelegd. In het groene toegangshek naar de begraafplaats zijn een Davidster en de twee Stenen Tafelen verwerkt. Op het hek zit een bordje met de tekst: De eerste Joden kwamen omstreeks het midden van de 18e eeuw naar Oirschot, te beginnen met de vestiging van een Joodse slager. Spoedig kwamen er meer en werd er een Joodse gemeente gesticht. De godsdienstoefeningen vonden oorspronkelijk in een woning plaats en in 1842 kwam er een synagoge aan de Rijkesluisstraat. Deze werd in 1905 voor het laatst gebruikt en in 1912 opgeheven omdat het aantal Joden weer was afgenomen. Meer dan 30 zijn er overigens nooit geweest. De Joodse gemeente werd bij die van Eindhoven gevoegd. De synagoge werd verkocht en van de opbrengst werd een fonds gevormd dat werd gebruikt om de begraafplaats te onderhouden. Een gedenksteen geeft aan waar de synagoge is geweest. De Joodse begraafplaats van Oirschot is vrij toegankelijk.
Bron: nl.wikipedia.org

11.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Urmond bevindt zich langs het Kloosterpad in Urmond. Qua hoeveelheid grafstenen is het de kleinste van Limburg, met slechts één bewaarde grafsteen. Ongetwijfeld zullen er meerdere mensen begraven zijn. De begraafplaats werd immers reeds in 1828 vermeld. Bovendien loopt de grond flink omhoog, hetgeen een aanwijzing kan zijn dat er in het verleden veel in de bodem is gegraven en er in de bodem veel activiteit is (geweest). Het is zelfs mogelijk dat er is begraven in meerdere lagen. Het bewaard gebleven graf is dat van Soesman Wolf. Er staan zowel Nederlandse als Hebreeuwse teksten op de grafsteen. De Nederlandse tekst luidt: Van Soesman Wolf is verder het volgende bekend: hij is geboren op 18-10-1833 te Roermond en op 06-09-1865 gehuwd met de toen 20 jarige Sophia Hertz. Het paar kreeg 15 kinderen. Het beroep van Soesman Wolf was koopman. Urmond heeft overigens nooit een eigen Joodse Gemeenschap gehad. Ze behoorde tot de Joodse Gemeenschap van Beek. De begraafplaats is vrij toegankelijk, maar zeer lastig te zien vanaf de openbare weg. De ingang bevindt zich langs een klein paadje, dat haaks op het Kloosterpad staat als deze een bocht maakt.
Bron: nl.wikipedia.org

12.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Assen is een 18e eeuwse begraafplaats aan de Oude Haarweg in het Twijfelveld, een natuurgebied net even buiten het Asserbos.
Bron: nl.wikipedia.org

13.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Ter Apel dateert van 1886. Ze is gelegen in een bos, nabij de Schotslaan. Er staan 35 grafstenen, waarvan een groot deel van de familie De Jonge. De oudste steen is uit 1887 (Mozes Josef). In Ter Apel woonde in de negentiende eeuw een kleine joodse gemeenschap. In 1883 werd een synagoge gesticht en in 1886 een begraafplaats aangelegd. Ter Apel fungeerde als een regionaal centrum voor de in de omgeving wonende joodse bevolking. In de twintiger jaren van de 20e eeuw woonden er circa 60 joden in Ter Apel. Bijna alle joden uit Ter Apel zijn in de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers weggevoerd en in de vernietigingskampen vermoord. Er is een monument in Ter Apel opgericht ter nagedachtenis aan de 49 slachtoffers van de Holocaust.
Bron: nl.wikipedia.org

14.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Borger aan de Marslandenweg dateert officieel van 1865, maar was wellicht al eerder in gebruik. Er zijn negen grafstenen bewaard gebleven. De kleine Joodse gemeenschap van Borger heeft gedurende een korte periode (1887-1925) de beschikking over een synagoge gehad. Voor die tijd gebruikte men een kleine huissynagoge in het naburige Drouwen. Na de opheffing van de Joodse gemeente maakten de Joden uit Borger en Drouwen deel uit van Joodse gemeente van Assen. In 1930 woonden er circa 40 Joden in en rond Borger. De Joden uit Borger en omgeving (4 gezinnen uit Borger en Drouwen) zijn in de Tweede Wereldoorlog via Westerbork naar Auschwitz en Sobibór gedeporteerd en daar vermoord. ↑ a b Joods Historisch Museum: Borger ↑ Stenen Archief - Borger ↑ Uit Drouwen betrof het de gezinnen Cohen en Nijveen en uit Borger de gezinnen Dalsheim en Stern: 8 volwassen en 6 kinderen. Bron: Digitaal Monument Joodse Gemeenschap in Nederland
Bron: nl.wikipedia.org

15.

0   0

Joodse begraafplaats


De huidige Joodse begraafplaats van Sittard is gelegen op de algemene begraafplaats Vrangendael aan de Lahrstraat in de wijk Vrangendael. Ze is gebruik genomen in 1963.
Bron: nl.wikipedia.org

16.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Deventer bevindt zich aan de Diepenveenseweg, naast de Algemene begraafplaats. De Algemene begraafplaats is dagelijks geopend voor bezichtiging of wandeling, het is een rijksmonument. Het Joodse gedeelte is niet publiek toegankelijk. Joden werden in Deventer pas als volwaardig burger toegelaten na 1796. In dat jaar verordende de regering van de Bataafse Republiek, de opvolger van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, dat: "geen Jood zal worden uitgeslooten van enige rechten of voordeelen die aan het Bataafsch Burgerregt verknocht zyn". Hierdoor kregen zij ook het recht op het inrichten van een eigen begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

17.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Meerssen is gelegen langs de Geul tussen de plaatsen Meerssen en Rothem. De begraafplaats werd in het jaar 1715 in gebruik genomen. Het is hiermee een van de oudste joodse begraafplaatsen van Nederland. De begraafplaats hoorde officieel bij de Joodse gemeente van Meerssen die in 1947 werd opgeheven. Meerssen valt nu onder de Joodse gemeente van Maastricht. De begraafplaats is een Rijksmonument en is niet toegankelijk voor publiek. In 1990-1991 is ze gerestaureerd.
Bron: nl.wikipedia.org

18.

0   0

Joodse begraafplaats


De joodse begraafplaats in de Nederlandse stad Gouda is omstreeks 1815 in gebruik genomen en heeft tot 1930 dienstgedaan als begraafplaats. Voor 1815 werden de Joden in Rotterdam begraven. Op 29 november 1815 passeerde de acte bij notaris Johan David Schiffer waarbij de klerenbleker Wijnand Naats een ooft- en moestuin met huis verkocht aan het Begrafenis Fonds der Hoogduitsche Israëlitische gemeente van Gouda. Het terrein, gelegen buiten de Kleiwegspoort, was cica 0,7 hectare groot. Dit terrein aan de Boelekade werd ingericht als begraafplaats en voorzien van een metaheerhuisje, waar overledenen ritueel werden gewassen. In 1846 werd een aangrenzend perceel gekocht, waarop een nieuw metaheerhuisje werd gebouwd. In 1930 werd de nieuwe begraafplaats aan de Bloemendaalseweg in gebruik genomen. De joodse begraafplaats aan de Boelekade moest in 1976 geruimd worden vanwege de hoge waterstand. De stoffelijke resten zijn onder rabbinaal toezicht overgebracht naar Wageningen. De toegangspoort en een deel van de muur werden in 1980 verplaatst naar het Raoul Wallenbergplantsoen. Het poortje is thans een monument ter nagedachtenis van de in de Tweede Wereldoorlog vermoorde Goudse Joden. Naar aanleiding van de plannen van het gemeentebestuur om op deze plek nieuwbouw te ontwikkelen, schreef de in Gouda geboren dichter Leo Vroman een gedicht, waaruit het volgende fragment afkomstig is: In Gouda bevindt zich nog een metaheerhuis op het achtererf van het gebouw De Haven aan de Oosthaven 31. De Haven heeft van 1894 tot 1943 dienstgedaan als bejaardentehuis van de Vereniging Centraal Israëlitisch Oude Mannen- en Vrouwenhuis.
Bron: nl.wikipedia.org

19.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van de Nederlandse stad Gennep is gelegen aan de Davidstraat. Gennep had een eigen Joodse gemeente van 1845 tot 1947. Voorheen behoorde ze tot Sittard, daarna tot Venlo. Het aantal Joodse inwoners van Gennep bedroeg nooit meer dan enkele tientallen. Er was een synagoge in de toenmalige Kerkstraat (huidige Torenstraat). Op de begraafplaats staan in totaal 27 grafstenen in twee rijen. Hieronder bevindt zich een van de oudste bewaard gebleven Joodse grafstenen van Limburg (zie foto). De tekst is volledig in het Hebreeuws en de naam van de overledene is niet meer te lezen. Wel is overlijdensdatum bekend: 14 december 1794. Het jongste graf is gedolven in 1971. Het is dat van Bertha Andriesse, geboren in ca. 1880 en overleden op 24 april 1971. Het beheer van de Joodse begraafplaats van Gennep rust bij de plaatselijke overheid. De begraafplaats is ommuurd en afgesloten met een hekwerk. Opvallend is dat er naast de begraafplaats nog een klein ommuurd deel is. Dit zou een metaheerhuisje geweest kunnen zijn, maar dat is niet zeker.
Bron: nl.wikipedia.org

20.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Vaals is gelegen aan de Linderweg. Naast een Joods deel is er ook een hervormd deel met daarop diverse zeer pompeus uitgevoerde grafmonumenten.
Bron: nl.wikipedia.org

21.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Gulpen is gelegen langs de Rijksweg N278 Maastricht-Vaals. De Joodse gemeenschap van Gulpen is nauw verwant met die van het naburige Vaals. Van 1900 tot 1947 waren beide gemeenten één (met de zetel in Vaals). Reeds in 1747 waren er Joden in Gulpen die samen het Paschamaal vierden. Tot de Tweede Wereldoorlog floreerde de Joodse gemeenschap van Gulpen. Echter, na de oorlog keerde er geen enkele terug. De Joodse gemeenschap werd bij Maastricht gevoegd. Voor de slachtoffers heeft demissionair staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, Mevrouw Ginjaar-Maas op 4 mei 1989 een monument onthuld aan de Kiewegracht. Ook op de begraafplaats zelf is een monument voor de slachtoffers van de oorlog. De begraafplaats heeft een vrij opvallende ligging. Ze ligt als het ware niet naast de Rijksweg, maar meer eronder. Ze wordt geflankeerd door een drietal muren. De 22 grafmonumenten zijn bijna allemaal bijzonder groot: ruim 2 meter hoog. de oudste, bewaard gebleven steen stamt uit 1849, de jongste uit 1942. De grafstenen zijn opgesteld in paren: echtelieden liggen zodoende vlak bij elkaar begraven. De begraafplaats is vrij toegankelijk. Het beheer rust bij de plaatselijke overheid.
Bron: nl.wikipedia.org

22.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van de Nederlands-Limburgse gemeente Beek is gelegen aan de Putbroekerweg, tussen de kernen van Beek en Genhout.
Bron: nl.wikipedia.org

23.

0   0

Joodse begraafplaats


De huidige Joodse begraafplaats van Sittard is gelegen op de algemene begraafplaats Vrangendael aan de Lahrstraat in de wijk Vrangendael. Ze is gebruik genomen in 1963.
Bron: nl.wikipedia.org

24.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Grevenbicht in de Nederlandse gemeente Sittard-Geleen ligt aan de H.-Kruisstraat. Lokaal staat de begraafplaats bekend als het Jodenbergje. De overledenen zijn begraven op en rondom een oude Romeinse tumulus (grafheuvel) uit de tweede eeuw. Anno 2008 zijn er 12 grafstenen bewaard gebleven, waarvan 5 op de heuvel en 7 eromheen. Op de heuvel zullen echter veel meer mensen zijn begraven, ook niet-Joden. De oudste, bewaard gebleven grafsteen stamt uit 1868 en draagt de naam van Mina Kronenberg. De naam Croonenberg (met varianten als Crooneberg/Cronenberg/Kronenberg, enz.) is een bekende Joodse naam in Grevenbicht. Het jongste graf stamt uit 1947. Grevenbicht had een zeer kleine, maar wel zelfstandige Joodse gemeente met een eigen synagoge aan de Weidestraat. Begin 20ste eeuw was de Joodse gemeenschap van Grevenbicht te klein om zelfstandig verder te kunnen gaan en werd ze bij Sittard gevoegd. Bij de plaats waar de synagoge heeft gestaan staat sinds 1995 een monument van M. Jaspers. De begraafplaats wordt onderhouden door de plaatselijke overheid en is vrij toegankelijk.
Bron: nl.wikipedia.org

25.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de van der Wijckstraat met een toegangspad vanaf de Oude Molenweg in de Nederlandse gemeente Raalte werd in 1830 in gebruik genomen. Er zijn 36 grafstenen.
Bron: nl.wikipedia.org

26.

0   0

Joodse begraafplaats


De eerste Joodse begraafplaats in de Nederlandse stad Rijssen werd aangelegd aan het eind van de achttiende eeuw. Ze was gelegen op De Hagen. In 1878 werd de begraafplaats op de Brekelt aan de Arend Baanstraat in gebruik genomen. De dodenakker op De Hagen is in 1949 geruimd. De begraafplaats aan Arend Baanstraat wordt door de gemeente Rijssen-Holten onderhouden. Er bevinden zich 76 grafstenen. In 1990 is hier een monument opgericht voor de meer dan honderd Rijssense Joden die door de nazi-Duitse bezetter zijn weggevoerd en vermoord.
Bron: nl.wikipedia.org

27.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Grevenbicht in de Nederlandse gemeente Sittard-Geleen ligt aan de H.-Kruisstraat. Lokaal staat de begraafplaats bekend als het Jodenbergje. De overledenen zijn begraven op en rondom een oude Romeinse tumulus (grafheuvel) uit de tweede eeuw. Anno 2008 zijn er 12 grafstenen bewaard gebleven, waarvan 5 op de heuvel en 7 eromheen. Op de heuvel zullen echter veel meer mensen zijn begraven, ook niet-Joden. De oudste, bewaard gebleven grafsteen stamt uit 1868 en draagt de naam van Mina Kronenberg. De naam Croonenberg (met varianten als Crooneberg/Cronenberg/Kronenberg, enz.) is een bekende Joodse naam in Grevenbicht. Het jongste graf stamt uit 1947. Grevenbicht had een zeer kleine, maar wel zelfstandige Joodse gemeente met een eigen synagoge aan de Weidestraat. Begin 20ste eeuw was de Joodse gemeenschap van Grevenbicht te klein om zelfstandig verder te kunnen gaan en werd ze bij Sittard gevoegd. Bij de plaats waar de synagoge heeft gestaan staat sinds 1995 een monument van M. Jaspers. De begraafplaats wordt onderhouden door de plaatselijke overheid en is vrij toegankelijk.
Bron: nl.wikipedia.org

28.

0   0

Joodse begraafplaats


In Eijsden ligt de op één na grootste Joodse begraafplaats van Limburg. Ze is gelegen aan de Cramignonstraat en er zijn ongeveer 300 grafstenen. Ze stamt uit de vroege 19de eeuw (ca. 1815). Op deze begraafplaats zijn twee dingen die direct opvallen: de grote hoeveelheid portretten op de graven en de vele Franstalige grafschriften. Het plaatsen van een portret op een graf is typisch katholiek. Dat het hier ook bij Joodse graven is gebeurd zegt iets over hoe goed de Joden geïntegreerd waren. Op veel plaatsen werden Joden gezien als een vreemde eend in de bijt, maar in Maastricht en omgeving was dat zeker niet het geval. Dat wil zeggen: niet in de periode 18de, 19de en 20ste eeuw, de "gouden eeuw" voor de Joodse gemeenschap. In Joodse kringen werd evengoed gesproken van een "kerk" in plaats van een "sjoel" en een "sjwammes" was gewoon een "koster". Het grote aantal Franstalige grafschriften komt doordat de Belgische overheid geen garantie geeft dat een Joodse begraafplaats behouden kan blijven. Omdat volgens de Joods wet een begraafplaats nooit mag worden geruimd, hebben veel Belgische Joden (met name uit de omgeving van het Franstalige Luik ervoor gekozen zich in het nabije Eijsden te laten begraven. In de vroege 18de eeuw kwamen de eerste Joden naar Eijsden. Zij werden in Maastricht geweerd. Het waren gedreven handelaren en vanuit Eijsden ontstond een levendige handel in kaas, tabak, specerijen, goud en zilver. Rond 1860 scheurde de Joodse gemeente van Eijsden en zodoende waren er twee Joodse gemeenschappen met elk een eigen synagoge in de huidige Diepstraat. Tevens hadden beide gemeenten (één was conservatief, de ander liberaal) een eigen begraafplaats. Het is niet bekend op welke andere plaats(en) in Eijsden een Joodse begraafplaats is geweest. Aan de scheuring kwam een einde toen de Joden van Eijsden in 1935 bij Maastricht werden gevoegd. Dat ging overigens gepaard met veel protest. Na de Tweede Wereldoorlog waren er nagenoeg geen Joden meer in Eijsden. De begraafplaats wordt daarom nu eigenlijk alleen nog maar door Belgische Joden gebruikt. Op de begraafplaats is nog een gebouwtje bewaard gebleven. Dit is een zogenoemd metaheerhuisje. Hier werden de overleden verzorgd. De begraafplaats is afgesloten, maar bij de ingang staat vermeld waar de sleutel kan worden geleend.
Bron: nl.wikipedia.org

29.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Maastricht is de grootste van Limburg. Er zijn ongeveer 330 grafstenen, al is het aannemelijk dat er nog meer mensen zijn begraven. De begraafplaats ligt op de algemene begraafplaats aan de Tongerseweg en is nog steeds in gebruik.
Bron: nl.wikipedia.org

30.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in de Nederlandse gemeente Hellendoorn (provincie Overijssel) is gelegen op de 'Nieuwstad' aan de Ommerweg. Ze werd aangelegd in 1852. Het is niet bekend hoeveel mensen er begraven liggen, er zijn tegenwoordig nog een tiental grafstenen aanwezig. Sinds 1995 staat op de dodenakker ook een monument in de vorm van een gedenksteen ter grootte van een grafsteen. Hierop staan elf namen vermeld van joodse Hellendoorners die in 1942-43 door de Duitse bezetter zijn vermoord, en de tekst: "Moge hun zielen gebundeld worden in de bundel van het eeuwige leven" Het monument laat een gave davidster zien op een afgebroken steen. Hellendoorn kende voor de Tweede Wereldoorlog een kleine joodse gemeenschap. Er werden synagogediensten gehouden in een huis aan de Schapenmarkt. In dit huis was ook een ritueel bad. De begraafplaats wordt in stand gehouden door de gemeente. De zorg voor het monument is toevertrouwd aan de Prot. Chr. Basisscholen 'De Es' en 'Jan Barbier'.
Bron: nl.wikipedia.org

31.

0   0

Joodse begraafplaats


De enige Joodse begraafplaats in de provincie Flevoland (de jongste provincie van Nederland) vindt men in Almere, in het stadsdeel Almere Stad. Ze maakt deel uit van de Begraafplaats Beatrixpark, die verder ook een algemeen en een islamitisch gedeelte kent. De Joodse gemeente van Almere is de jongste van Nederland. Ze is opgericht in 1997. Op 13 mei 2005 werd de Joodse begraafplaats ingewijd. Er is ruimte voor ongeveer honderd graven.
Bron: nl.wikipedia.org

32.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Zandeweg in het Nederlandse dorp Oudenbosch (provincie Noord-Brabant) is gesticht in 1783. Toen gaf de gemeente Oudenbosch toestemming om een stuk grond van 2 are 32 centiare als begraafplaats in te richten ten behoeve van de Joodse ingezetenen. Het stukje grond, later bekend als Jodendekske, lag tegen de gemeentegrens aan. Volgens de registers zijn er zo'n 60 mensen begraven. Het aantal bewaard gebleven grafstenen is echter slechts 7. In 1845 kwam er een einde aan de Oudenbossche Joodse gemeenschap en daarna zijn er geen mensen meer begraven.
Bron: nl.wikipedia.org

33.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Zuidland in de Nederlandse provincie Zuid-Holland dateert van 1888 en is gelegen aan de Kerkweg. De joodse inwoners van Zuidland behoorden tot 1887 bij Heenvliet. In dit jaar kreeg Zuidland een zelfstandige synagoge en in 1888 ook een eigen begraafplaats. Na een scheuring in 1911 gingen de meer orthodoxe joden weer naar de synagoge in Heenvliet. De overigen hielden hun dienst vanaf die tijd in een woonkamer. Alle joodse inwoners van Zuidland zijn in 1942 gedeporteerd naar de vernietingskampen en daar vermoord. Er zijn 5 grafstenen bewaard gebleven, maar oudere inwoners vertellen dat er nog een klein steentje heeft gestaan van Daniel de Beer, het oudste zoontje van Levie de Beer en Antje Levie, dat, acht jaar oud, in Zwartewaal overleed De joodse begraafplaats wordt vanaf 1965 onderhouden door de gemeentelijke overheid en is in 1991 gerestaureerd.
Bron: nl.wikipedia.org

34.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Maastricht is de grootste van Limburg. Er zijn ongeveer 330 grafstenen, al is het aannemelijk dat er nog meer mensen zijn begraven. De begraafplaats ligt op de algemene begraafplaats aan de Tongerseweg en is nog steeds in gebruik.
Bron: nl.wikipedia.org

35.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Vierlingsbeek ligt aan de Molenweg en is één der oudste van Nederland. Ze werd gesticht in 1771 en er bevinden zich 82 grafstenen. Op deze begraafplaats werden de Joodse inwoners uit het gehele Land van Cuijk bijgezet. De Joodse gemeente van Vierlingsbeek is pas in 1859 opgericht. Van 1850-1930 was hier een synagoge, waarna de Joodse inwoners van Vierlingsbeek bij de Joodse gemeente van Boxmeer werden gevoegd. De Joodse begraafplaats wordt onderhouden door de gemeente Boxmeer, waar Vierlingsbeek toe behoort. In 1989 werd er een restauratie uitgevoerd. Ook is er een gedenksteen aangebracht ter herdenking van de door de nazi's weggevoerde en vermoorde Joden uit de omstreken. De voormalige synagoge, aan de Spoorstraat, is voorzien van een klokgevel en werd gebouwd in 1756. Tegenwoordig in gebruik als woonhuis. Van 1850-1930 was het gebouw in gebruik als synagoge. De thorakast van deze synagoge, gemaakt in 1865 werd na de opheffing van de synagoge nog in Oss gebruikt, maar is tegenwoordig te vinden in het Joods Historisch Museum te Amsterdam.
Bron: nl.wikipedia.org

36.

0   0

Joodse begraafplaats


In het Brabantse Cuijk bevinden zich op een afgescheiden deel van de algemene begraafplaats aan de Hapseweg een 18-tal Joodse graven. Toch is dit niet de oorspronkelijke begraafplaats van de Joden in Cuijk. In de achttiende eeuw vormde zich in Cuijk een Joodse gemeente die zou blijven bestaan tot 1947. Na de Tweede Wereldoorlog waren er te weinig Joden over om als zelfstandige gemeente verder te kunnen gaan en werd de gemeente bij Oss gevoegd. In de geschiedenis zijn er twee Joodse begraafplaatsen geweest in Cuijk. De oudste lag aan de Smidtsstraat en was reeds in 1761 in gebruik. Deze was ook in gebruik door de Joden van Grave, omdat zij nog geen eigen begraafplaats hadden. In 1847 stond de gemeente van Cuijk dit niet meer toe. Toen deze begraafplaats vol was, werd in 1870 een nieuwe begraafplaats in gebruik genomen aan de Wilhelminastraat. In 1924 werd de oude begraafplaats geruimd. De resten werden overgebracht naar de Wilhelminastraat. In 1963 werd ook deze begraafplaats geruimd en werden de stoffelijke resten en grafstenen naar de algemene begraafplaats gebracht. De begraafplaats is geïnventariseerd door het Stenen Archief.
Bron: nl.wikipedia.org

37.

0   0

Joodse begraafplaats


De Overijsselse stad Hasselt kende in de loop de jaren twee Joodse begraafplaatsen. De oudste begraafplaats werd in 1774 in gebruik genomen en lag op een stuk land buiten de Veenepoort. In 1825 verwoestte een overstroming deze begraafplaats, waarna een nieuwe locatie moest worden gezocht. Deze nieuwe begraafplaats kwam achter het Van Stolkpark aan het Bolwerk en is bewaard tot op de dag van vandaag.
Bron: nl.wikipedia.org

38.

0   0

Joodse begraafplaats


Harlingen heeft één Joodse begraafplaats. Deze ligt op een apart deel van de Algemene Begraafplaats aan de Begraafplaatslaan. Deze dodenakker is in gebruik sinds 1870 en werd in 1909 uitgebreid. Vóór 1870 werden de doden begraven aan de Willemskade. In 1953 werd deze oude begraafplaats geruimd. De resten en grafstenen werden overgebracht naar de nieuwe begraafplaats. De oudste grafstenen tonen data van halverwege de 18de eeuw. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Har A2000 genoemd. In 1947 werd de joodse gemeente Harlingen opgeheven en bij die van Leeuwarden gevoegd.
Bron: nl.wikipedia.org

39.

0   0

Joodse begraafplaats


In het Gelderse Culemborg is aan de Achterweg een Joodse begraafplaats bewaard gebleven, met 146 graven. Voor 1764 begroeven de Joden hun doden in Vianen en later in Buren. In 1764 werd een veld aangekocht aan de Westerborgwal, waar tot 1869 begraven werd. Toen werd de begraafplaats aan de Achterweg in gebruik genomen. In 1947 werd de Joodse gemeente van Culemborg bij Utrecht gevoegd. De oude begraafplaats aan de Westerwal werd in 1959 geruimd. De synagoge is in 1982 geheel gerestaureerd en is nu een gereformeerde kerk. In het nabije Beesd is ook een Joodse begraafplaats bewaard gebleven van de familie van Straaten.
Bron: nl.wikipedia.org

40.

0   0

Joodse begraafplaats


In Hilversum ligt er aan de Vreelandseweg een Joodse begraafplaats, met ongeveer 500 grafstenen. Van 1751 tot 1863 was een oudere begraafplaats aan de Gooise Vaart in gebruik. Deze begraafplaats werd in 1937 geruimd. Het Joodse leven in Hilversum begon aan het begin van de 18de eeuw. Aanvankelijk vonden religieuze diensten plaats in een huissynagoge, maar in 1789 werd een echte synagoge ingewijd aan de Zeedijk. Zo'n 10% van de Joden overleefde de Tweede Wereldoorlog. De synagoge was van binnen geplunderd en van buiten zwaar beschadigd. In 1969 werd dit pand gesloopt. Er kwam een nieuwe synagoge in de Laanstraat. Sinds 1990 zetelt het Interprovinciaal Opperrabbinaat in Hilversum.
Bron: nl.wikipedia.org

41.

0   0

Joodse begraafplaats


In Lochem (provincie Gelderland) is een Joodse begraafplaats gelegen aan de Zutphenseweg. Er wordt op deze dodenakker nog steeds begraven. Van 1785 tot 1848 was er een begraafplaats aan het Hoogestraatje in gebruik. Ze lag naast de toenmalige synagoge. In 1955 is deze begraafplaats geruimd. In 1865 werd de synagoge aan de Westerwal ingewijd. Deze is na 1945 verkocht aan de gemeente Lochem en wordt nu gebruikt voor culturele activiteiten. Sinds 1983 is hier er een gedenksteen ter nagedachtenis aan de joodse medeburgers die door Nazi-geweld zijn omgekomen. Van de Lochemse joden zijn 79 gestorven gedurende de Tweede Wereldoorlog, 14 personen overleefden. In 1947 is de joodse gemeente van Lochem bij die van Borculo gevoegd. Na de opheffing van Borculo vond een samengaan met Deventer plaats. De begraafplaats aan de Zutphenseweg is in 2003 gerestaureerd.
Bron: nl.wikipedia.org

42.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in de Nederlandse gemeente Vught is gelegen aan de Berkenheuveldreef. Vught heeft nooit een zelfstandige joodse gemeente heeft gehad. De begraafplaats behoorde toe aan de joodse gemeenschap van 's-Hertogenbosch. De begraafplaats is in gebruik sinds 1771, maar pas in 1790 kregen de joden van Den Bosch officieel toestemming hier hun doden te begraven, nadat ze al verschillende malen om een eigen begraafplaats hadden verzocht. Volgens de website van de Nederlandse Kring Joodse genealogie zijn er 82 grafstenen bewaard. Dat is onjuist. Het boek "Verborgen in Brabantse bodem" (zie bron) noemt een aantal van 435, plus een aantal herdenkingsstenen. Hier zijn dus geen mensen begraven. De begraafplaats is volledig ommuurd en niet toegankelijk. Op het station van Vught werd in 1984 een door Otto Treumann ontworpen monument onthuld ter nagedachtenis van de vandaar weggevoerde joden. Verder is Vught bekend om Kamp Vught.
Bron: nl.wikipedia.org

43.

0   0

Joodse begraafplaats


In de gemeente Schijndel in de Nederlandse provincie Noord-Brabant is een Joodse begraafplaats gelegen aan de Wilhelminalaan in de wijk Hoevenbraak grenzend aan de wijk Hulzenbraak. Er staan 110 grafstenen. De begraafplaats werd niet alleen gebruikt door de Joden van Schijndel, maar ook door de Joodse gemeenschappen van St. Oedenrode, Uden en Veghel. Schijndel vormde samen met St. Oedenrode een Joodse gemeenschap in de rang van ringsynagoge van 1855 tot 1899. Daarna was de Joodse gemeenschap te klein geworden om zelfstandig verder te kunnen gaan en werd ze bij Veghel gevoegd. Veghel was vanaf 1818 een bijkerk onder Eindhoven en bleef dit tot 1947. Toen werd ze bij de Joodse gemeenschap van Oss gevoegd. Uden was vanaf 1858 een bijkerk en bleef dit tot 1950, toen ook zij bij Oss werd gevoegd. Oss vormt vandaag de dag één van de vijf Nederlands-Israëlitische gemeenten van Noord Brabant, naast Breda, Tilburg, Eindhoven en 's-Hertogenbosch. In Tilburg is overigens ook een Liberaal Joodse Gemeente.
Bron: nl.wikipedia.org

44.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Delft is gelegen aan de Vondelstraat/ Geertruyt van Oostenstraat. Ze werd in gebruik genomen in 1840. Er staan 25 grafstenen. De Joodse gemeente van Delft was nooit groot. Reeds in 1927 werd verzocht om opheffing van de gemeente. Toen werd het afgewezen, maar de Tweede Wereldoorlog zorgde uiteindelijk voor de definitieve ondergang van de gemeente. In 1962 werd de Joodse gemeente van Delft bij de Joodse gemeente van Den Haag gevoegd.
Bron: nl.wikipedia.org

45.

0   0

Joodse begraafplaats


Vanaf 1838 tot 1927 had het Brabantse Heusden een kleine, maar wel zelfstandige Joodse gemeenschap. Een kleine Joodse begraafplaats aan de Grotestraat van het naburige gehucht Heesbeen is de stille getuige van dit vergane Joodse leven. Er hebben in de middeleeuwen ook Joden in Heusden gewoond, maar de vorming van een echte Joodse gemeenschap begon pas in 1777. In eerste instantie werden de doden begraven in Zaltbommel en vanaf 1839 werd de Joodse begraafplaats van Vught gebruikt. De Joodse begraafplaats aan de Grotestraat in Heesbeen werd gebruikt vanaf 1865. Er zijn negentien hele grafstenen bewaard gebleven, alsmede een aantal brokken. Het is hierbij niet duidelijk of het gaat om één of om meerdere graven. Het aantal begravenen is dus ten minste twintig. De begraafplaats, dat de status van rijksmonument heeft, is vrij toegankelijk. Het beheer berust bij de plaatselijke overheid.
Bron: nl.wikipedia.org

46.

0   0

Joodse begraafplaats


Aan de Bergsebaan in Bergen op Zoom is een Joodse begraafplaats gelegen. Er staan 77 grafstenen. In 1783 werd de grond gepacht, nadat er in het begin van de 18de eeuw zich weer Joden vestigden in Bergen op Zoom. Er waren in de Middeleeuwen ook al Joodse inwoners, maar deze werden, zoals op veel plaatsen, allemaal verdreven. Voordat Bergen op Zoom een eigen begraafplaats kreeg, werd de Joodse begraafplaats van Oudenbosch gebruikt. In 1809 werd op de begraafplaats een beheerderswoning gebouwd. De begraafplaats viel nogal eens ten prooi aan grafschenners. Tevens werd in 1836 een sloot aangelegd, zodat het moeilijker werd de begraafplaats te betreden. Het beheerdershuis verkeerde in 1839 in een vervallen staat en in 1841 werd daarom een nieuw huis gebouwd. Dit huis, alsmede de synagoge, kregen in 1896 een grote renovatie. Halverwege de Tweede Wereldoorlog werd de begraafplaats verplicht verkocht aan de bezetter. Gelukkig kon ze in 1947 worden teruggekocht en was ze ongeschonden de oorlog doorgekomen. De Joodse gemeentschap was echter te klein geworden. In 1858 werd de Joodse gemeente van Bergen op Zoom opgeheven en bij Tilburg gevoegd. Negen jaar later volgde een herindeling, waarna Bergen op Zoom onder Breda viel. De begraafplaats is nog in gebruik voor Belgische Joden. Omdat er in België geen garantie kan worden gegeven tot een eeuwige grafrust (wat voor de Joden een keiharde eis is), verkiezen veel Belgische Joden ervoor zich in Nederland te laten begraven. Ook op de Joodse begraafplaatsen van het naburige Putte zijn veel Belgische Joden begraven. Dit zien we bijvoorbeeld ook op de Joodse begraafplaats van het Limburgse Eijsden. Met name voor de Joden uit de Belgische provincie Antwerpen is begraven in Bergen op Zoom een goed alternatief, naast het begraven in Putte. De registers noemen meer dan 195 begravenen, terwijl er slechts 77 grafstenen bewaard zijn gebleven. Zoals de meeste Joodse begraafplaatsen in Nederland is de Joodse begraafplaats van Bergen op Zoom eigendom van het NIK, maar is het beheer in handen van de plaatselijke overheid.
Bron: nl.wikipedia.org

47.

0   0

Joodse begraafplaats


In Geffen is een zeer oude Joodse begraafplaats bewaard gebleven. Wellicht is het de oudste van Noord-Brabant, want ze was al voor 1700 in gebruik. De begraafplaats is gelegen aan het Kraaijeven. Er zijn 86 grafstenen bewaard gebleven. De jongste is uit 1908. Een jaar later werd de begraafplaats gesloten en werd er begraven op de Joodse begraafplaats van Oss. Geffen was dan ook geen zelfstandige Joodse gemeente, maar viel onder de gemeente Oss.
Bron: nl.wikipedia.org

48.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Hescheweg net buiten de Nederlandse stad Oss was een van de twee Joodse begraafplaatsen in de regio, naast de Joodse begraafplaats van Geffen. De Joodse begraafplaats aan de Heescheweg is in gebruik vanaf 1888. De stad Oss is bekend vanwege de Unox-fabriek. Hier waren de meeste Joden ook werkzaam. De Joden hebben een grote bijdrage geleverd aan de industrialisatie van de stad. Er is een synagoge aan de Smalstraat, welke werd ingewijd in 1959. Op de begraafplaats aan de Heescheweg staan 142 grafstenen. Vandaag de dag is in Oss een gemeente van de Zionisten en van de Nederlands Israëlitische Gemeente. In de Tweede Wereldoorlog lieten 280 Joden uit Oss het leven. Voor hen is een gedenkteken opgericht op de begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

49.

0   0

Joodse begraafplaats


Van 1832 tot 1947 bevond zich in de Nederlandse stad Grave een kleine, maar vanaf 1842 wel een zelfstandige, Joodse gemeente. Aanvankelijk werden de doden begraven op de Joodse begraafplaats van Cuijk of de Joodse begraafplaats van Geffen. In 1867 werd eindelijk een deel van de algemene begraafplaats aan de Esterveldlaan als Joodse begraafplaats aan de Joden ter beschikking gesteld, maar het zou pas in 1889 zijn dat de Joodse gemeenschap ook eigenaar werd van deze grond. De Joodse gemeenschap van Grave werd in 1947 opgeheven en bij Oss gevoegd, maar in feite had ze zich voor de Tweede Wereldoorlog al opgeheven doordat ze te klein was geworden.
Bron: nl.wikipedia.org

50.

0   0

Joodse begraafplaats


De Nederlandse stad Klundert (provincie Noord-Brabant) had een kleine Joodse gemeenschap, maar was in de jaren 1821-1828 en 1868-1900 een zelfstandige gemeente als bijkerk onder de ringsynagoge van Roosendaal. Op de Joodse begraafplaats aan de Blauwe Hoefsweg zijn 66 mensen begraven, hetgeen weer een vrij hoog aantal is voor zulk een kleine gemeente. In de jaren 30 van de 20ste eeuw raakte de begraafplaats in verval. Het metaheerhuis van de begraafplaats werd in 1938 afgebroken. Vandaag de dag onderhouden de plaatselijke autoriteiten de begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

51.

0   0

Joodse begraafplaats


In Oisterwijk vestigde zich in de 18de eeuw de eerste Joden. Al vrij snel groeide de gemeente zo hard, dat er behoefte was aan een synagoge en een Joodse begraafplaats. De synagoge kwam er in 1758 en de begraafplaats 10 jaar eerder in 1748. Op deze begraafplaats aan de huidige Hondsbergselaan (vroeger 'De Poelen') zijn 165 grafstenen bewaard gebleven. Tot 1855 hadden de Joden in Tilburg geen eigen begraafplaats en daarom werd de Joodse begraafplaats van Oisterwijk gebruikt. Dat verklaart de grote hoeveelheid graven voor een betrekkelijk kleine Joodse gemeente. Reeds in 1908 ging de Joodse gemeenschap van Oisterwijk op in die van Tilburg. De meeste Oisterwijkse Joden waren reeds naar deze stad verhuisd. Na de Tweede Wereldoorlog keerden slechts enkele Joden terug. Op het terrein van de Lederfabriek, waar veel Joden werkzaam waren, is een gedenkteken opgericht. De Joodse begraafplaats van Oisterwijk werd in 1997 opgeknapt.
Bron: nl.wikipedia.org

52.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in de Nederlandse gemeente Oosterhout ligt op de Vrachelse heide. De begraafplaats stamt uit 1822 en werd gebruikt door de Joodse gemeenschappen van Oosterhout, Breda en Geertruidenberg. Op de begraafplaats staan 168 grafstenen, alsmede een metaheerhuisje, kohaniemhuisje en een beheerderswoning. De begraafplaats is een gemeentelijk monument.
Bron: nl.wikipedia.org

53.

0   0

Joodse begraafplaats


In Tilburg is aan de Bredaseweg een Joodse begraafplaats gelegen. Er bevinden zich 143 graven. De eerste Joden vestigden zich halverwegde de 18de eeuw in Tilburg. Voor het begraven van de doden werd aanvankelijk de Joodse begraafplaats van Oisterwijk gebruikt. Pas in 1855 werd de Joodse begraafplaats aan de Bredaseweg ingewijd. De begraafplaats aan de Bredaseweg wordt sinds 1973 onderhouden door de plaatselijke overheid. De restauratie van het metaheerhuisje op de begraafplaats werd in mei 2005 voltooid. Onder de Joodse gemeente van Tilburg viel ook het nabijgelegen Hilvarenbeek. Ook hier is een Joodse begraafplaats geweest aan het Alidapad , maar daar zijn nu geen sporen meer van. Recent is de begraafplaats onderzocht op de aanwezigheid van stoffelijke resten die dan elders zouden worden herbegraven. Op het bewuste stuk land is echter niets gevonden. Dat de begraafplaats er wel is geweest, is duidelijk te zien op een kadastrale kaart uit 1832. In Tilburg zijn vandaag de dag zowel een afdeling van de NIG (Nederlands Israëlitische Gemeenten) als van de LJG (Liberaal Joodse Gemeenten) gevestigd. Het is de verwachting dat de NIG Tilburg zal fuseren met die van Breda.
Bron: nl.wikipedia.org

54.

0   0

Joodse begraafplaats


In Deurne bevindt zich een Joodse begraafplaats met één graf op een bijzondere plaats, namelijk op een begraafplaats. In 1994 werd het graf officieel aangewezen als Joodse begraafplaats. Daarbij werd het religieus gescheiden van de protestantse begraafplaats, dat het aan alle kanten omgeeft. Het is het graf van Erwin Michael Joseph (23 september 1925 - 16 september 1942). Deze Joodse jongeman was 16 jaar toen hij in 1942 door mensensmokkelaars werd meegenomen naar een onderduikadres. In plaats van hem naar dit adres te brengen, sloegen de smokkelaars hem dood met een hamer en begroeven hem. Een kleine drie jaar later, op 23 juni 1945, wees een van de moordenaars het graf aan en werd het lichaam herbegraven in Deurne. Toen men in 1994 ontdekte dat het om een Joodse jongen ging, kocht een rabbijn zijn graf en werd er een nieuwe grafsteen geplaatst. Merk op dat er vóór de overlijdensdatum een Latijns kruisje staat. Dit is eigenlijk een christelijk symbool. Het grafschrift op de deksteen luidt: Jewish refugee from nazism murdered by men promising safety. His parents survived. Hidden by local citizens.
Bron: nl.wikipedia.org

55.

0   0

Joodse begraafplaats


Het dorp Smilde in de Nederlandse provincie Drenthe had van ca. 1825 tot de Tweede Wereldoorlog een kleine, maar zelfstandige Joodse gemeenschap. De Joodse begraafplaats bij Hoogersmilde, circa 300 meter ten westen van de Drentse Hoofdvaart is de stille getuige van dit vergane Joodse leven. De eerste Joden vestigden zich eind 18e eeuw in Smilde. Dat ging gepaard met protest van de plaatselijke bevolking. In 1825 kreeg de Joodse gemeente de rang van Bijkerk onder Dwingeloo. In het nabije Kloosterveen kwam in 1846 een synagoge. Na de oorlog keerden er nauwelijks Joden terug. Het synagogegebouw werd afgebroken en de Joodse gemeente werd in 1950 bij Assen gevoegd. Op de Joodse begraafplaats van Smilde staan 40 grafstenen.
Bron: nl.wikipedia.org

56.

0   0

Joodse begraafplaats


Op de Kuiperberg, even ten westen van de Nederlandse stad Ootmarsum (provincie Overijssel), ligt een Joodse begraafplaats. De begraafplaats dateert van circa 1786. De grafstenen die bewaard zijn gebleven beslaan een periode van 1814 tot 1928. In de 19e eeuw telde de Joodse gemeenschap van Ootmarsum circa 100 personen. In het begin van de 20ste eeuw nam het aantal joodse inwoners af en werd de joodse gemeente als zelfstandige gemeente opgeheven en bij Hardenberg gevoegd. Tien joodse inwoners van Ootmarsum werden in de Tweede Wereldoorlog weggevoerd naar de vernietingskampen en vermoord. Er is in de Kloosterstraat te Ootmarsum een monument opgericht ter nagedachtenis aan deze slachtoffers van de Holocaust. Op de begraafplaats bevinden zich nog 22 grafstenen. De plaatselijke overheid heeft het beheer van de begraafplaats in handen.
Bron: nl.wikipedia.org

57.

0   0

Joodse begraafplaats


Aan de Voorstevliet in Werkendam is een Joodse begraafplaats bewaard gebleven, welke stamt uit ca. 1850. Er zijn 18 grafstenen bewaard gebleven.
Bron: nl.wikipedia.org

58.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Diemen is eigendom van de Hoogduits-Joodse gemeente van Amsterdam en is ontstaan aan het begin 20ste eeuw, toen de begraafplaats aan de Zeeburg vol was. De begraafplaats werd in gebruik genomen in 1914. In 1925 werd het terrein gesplitst voor de aanleg van een spoorlijn. Opvallend is de aanwezigheid van urnen op deze begraafplaats. Deze urnen zijn van mensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Westerbork werden gecremeerd. Cremeren is in het jodendom ongebruikelijk. Deze urnen zijn begraven op Veld U.
Bron: nl.wikipedia.org

59.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Overveen (gemeente Bloemendaal in Noord-Holland) is gelegen in het duingebied aan de Tetterodeweg en is eigendom van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap te Amsterdam. De begraafplaats werd in 1797 gesticht door de Neie Kille (Nieuwe Gemeente), die zich had afgesplitst van de Amsterdamse Hoogduitse Joodse Gemeente onder de naam Adath Jeschurun (Gemeente van Jeschurun). De oprichters (onder wie Mozes Salomon Asser, Herman Bromet en Hartog de Lemon) streefden, geïnspireerd door de idealen van de Franse Revolutie, naar dezelfde burgerrechten voor Nederlandse joden als voor de overige Nederlanders. Dat wekte verzet van de gevestigde Amsterdamse Joodse Gemeente en het kwam tot rellen, waarbij de toenmalige politie te paard de orde probeerde te herstellen. De gemeente bleef bestaan, totdat men in opdracht van Lodewijk Napoleon in 1808 terug moest keren tot de Joodse Gemeente Amsterdam. Er zijn ca. 220 personen begraven, de meesten tussen 1797 en 1940, onder wie de oprichters en de eerste rabbijn, Isaac Graanboom en Jacob Leon Wertheim (1839-1882). Van de 20e eeuwse graven zijn die van de Amsterdamse bankier en politicus A.C. Wertheim (1832-1897), broer van de genoemde Wertheim, en van de Haagse jurist mr. dr. Lodewijk Visser (1871-1942) het bekendst. Visser was president van de Hoge Raad der Nederlanden, maar werd evenals alle andere Joodse ambtenaren uit zijn ambt gezet door de Duitse bezetter. Nadat er in 1805 door de plaatselijke jeugd vernielingen waren aangericht op de begraafplaats, werd er een muur om de dodenakker gebouwd; naast de ingang staat in het Hebreeuws: ‘Klein en groot is daar gelijk en de slaaf is vrij van zijn heer’. (Job 3:19) De begraafplaats is sinds 2005 een Rijksmonument. Op initiatief van de Stichting tot Instandhouding van de Joodse Begraafplaats te Overveen zijn de stenen muur en het toegangshek in 2010 volledig gerestaureerd, evenals de waterpomp voor de rituele handwassing. De restauratie van het metaheerhuis, waar de overledenen opgebaard en ritueel gewassen werden, is in 2013 voltooid.
Bron: nl.wikipedia.org

60.

0   0

Joodse begraafplaats


In de Nederlandse stad Nijmegen ligt aan de Kwakkenbergweg een Joodse begraafplaats. Op deze begraafplaats staan 327 grafstenen. De begraafplaats is nog steeds in gebruik.
Bron: nl.wikipedia.org

61.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Goor, gemeente Hof van Twente in Overijssel bestaat al sinds 1720. De dodenakker bevindt zich achter Molenstraat 12-14, de toegang is aan een zijstraatje waar de Molenstraat overgaat in de Hengevelderweg. Hij wordt onderhouden in opdracht van de gemeentelijke overheid.
Bron: nl.wikipedia.org

62.

0   0

Joodse begraafplaats


Dit artikel gaat over de voormalige en huidige Joodse begraafplaats van Borculo (Achterhoek, provincie Gelderland).
Bron: nl.wikipedia.org

63.

0   0

Joodse begraafplaats


De joodse begraafplaats van Diepenheim in Overijssel bevindt zich buiten het dorp aan het riviertje de Regge. De dodenakker ligt hier sinds 1857. Er zijn nog achttien grafstenen aanwezig aan de Hazendammerweg. Een bijzonder monument werd hier in 1995 gerealiseerd door de kunstenaar Joseph Semah. Hij plantte uit respect voor de vergeten doden tien ceders om zo het minimum aantal personen benodigd voor een joodse godsdienstoefening te symboliseren.
Bron: nl.wikipedia.org

64.

0   0

Joodse begraafplaats


De joodse begraafplaats van Den Nul in de gemeente Olst-Wijhe in Overijssel is, sinds de uitbreiding van het dorpje met een kleine woonwijk, gelegen tussen de huizen aan de Beukenweg. Op de begraafplaats staat één grafsteen, welke Marianne Zendijk-van Spiegel memoreert. Zij werd er in 1914 begraven. Het is onduidelijk wanneer de begraafplaats werd gesticht en of er nog meer personen begraven liggen. Zendijk was een bekende Olster joodse familie waarvan in 1809 voor het eerst melding wordt gemaakt. De naburige bewoners aan de Beukenweg hebben "Het vermoedelijk meest vergeten joodse begraafplaatsje van Nederland" geadopteerd en met steun van de gemeentelijke overheid opgeknapt en van een hekwerk voorzien. Als blijk van waardering liet het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap in 2005 voor hen een boom planten in het 'vredeswoud' in Israël. De begraafplaats is, zoals andere dodenakkers, opgenomen in de gemeentelijke bewegwijzering. Het doet daarbij wat merkwaardig aan dat ook de wegwijzers naar deze plek voorzien zijn van de gebruikelijke kruisjes als symbool voor begraafplaats, terwijl het kruis toch bij uitstek een christelijk symbool is.
Bron: nl.wikipedia.org

65.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van de Nederlandse stad Zutphen was oorspronkelijk net buiten de stad gelegen aan de Weg naar Vierakker. Ze ligt in een gebied met oude rivierduinen dat al honderden jaren de Hogewest wordt genoemd. Tegenwoordig is de begraafplaats een rijksmonument.
Bron: nl.wikipedia.org

66.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Zeddamseweg in 's-Heerenberg komt al voor op de kaart die Jacob van Deventer omstreeks 1560 maakte van de stad in opdracht van koning Filips II. Ze wordt lokaal het Jodenkerkhof genoemd. De begraafplaats is een gemeentelijk monument. De 22 hoofdzakelijk rechtopstaande stenen zijn alle gericht naar het oosten. De oudste stenen hebben alleen Hebreeuwse tekst, de latere vaak zowel een Hebreeuws als een Nederlands opschrift. In 1911 geraakte de begroeiing op de begraafplaats in brand waarbij ook een aanpalende opslagplaats voor takkenbossen in rook opging. Meerdere zware grafstenen sprongen door de hitte. In 1958 werd de brandweerkazerne bij de joodse rustplaats gebouwd, een aantal graven die in de weg lagen zijn toen verplaatst. Tot die tijd stond er ook een metaheerhuis waar de rituele lijkwassing plaatsvond. Na de Tweede Wereldoorlog was het voor de resterende joodse gemeenschap in Nederland onmogelijk om alle ongeveer 230 joodse begraafplaatsen goed te onderhouden, ook die in de gemeente Bergh niet. De Israëlitische gemeente in Doetinchem waaronder 's-Heerenberg viel stelde de gemeente Bergh per brief voor om in ruil voor het onderhoud van de begraafplaats een bijzonder geschenk te aanvaarden. Het ging om het laatst aantoonbare bezit uit de synagoge van de joodse gemeente van 's-Heerenberg namelijk de kaarsenkroon die reeds lang in het gemeentehuis ter stede hing. Het gemeentebestuur accepteerde het geschenk in 1949 in dank zodat het verlichtingsarmatuur anno 2009 nog steeds in het stadhuis te bezichtigen is. In 1954 trok Huis Bergh zich het lot van de begraafplaats aan en sloot een onderhoudsovereenkomst met de Israëlitische gemeente Doetinchem. Het onderhoud wordt sinds 2010 gedaan door kinderen van de basisschool in 's-Heerenberg die het Vormsel ontvangen.
Bron: nl.wikipedia.org

67.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in het Zeeuwse Goes is gelegen in het Geldeloozepad, als onderdeel van de algemene begraafplaats. De begraafplaats werd omstreeks 1835 in gebruik genomen. De gemeenschap was zelfstandig, maar klein en werd reeds in het begin van de twintigste eeuw bij Middelburg gevoegd. Alle resterende Joodse inwoners van Goes vonden de dood in de Tweede Wereldoorlog. Op de begraafplaats vinden we 15 grafstenen, alsmede een metaheerhuisje. De plaatselijke overheid draagt zorg voor het onderhoud van de begraafplaats. De begraafplaats is nog steeds in gebruik. Zo werden er in 2006, 2005 en 2001 nog mensen begraven. De oudste grafsteen is uit het jaar 1835. Op de website "Stenen Archief" (zie bron), zijn de grafstenen geïnventariseerd.
Bron: nl.wikipedia.org

68.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in het Zeeuwse Zierikzee is gelegen aan de Grachtweg. De begraafplaats werd omstreeks 1799 in gebruik genomen. In 1825 werd aan de Meelstraat een synagoge ingewijd. Dit gebouw bestaat nog steeds, maar doet al sinds 1920 geen dienst meer als synagoge. Reeds lang voor de Tweede Wereldoorlog was de Joodse gemeenschap van Zierikzee te klein om zelfstandig te kunnen zijn. Ze werd dan ook in 1922 bij Middelburg gevoegd. Op de begraafplaats zijn 21 grafstenen bewaard gebleven. De plaatselijke overheid verzorgt het onderhoud. Nabij de begraafplaats is een herdenkingsteken opgericht voor de slachtoffers van de oorlog.
Bron: nl.wikipedia.org

69.

0   0

Joodse begraafplaats


Even buiten Bourtange in de Nederlandse provincie Groningen ligt langs de Oude Jodenkerkhoflaan een kleine Joodse begraafplaats. Op deze begraafplaats staan nog 9 grafstenen. Het jaar van ingebruikname is niet bekend, maar wel is bekend dat deze begraafplaats er al was in 1816. De oudste grafsteen is uit het jaar 1862. Voor de oudere graven is het mogelijk dat er houten markeringen werden gebruikt, die natuurlijk snel vergingen. Een andere mogelijkheid is dat de grafstenen zijn weggezakt. De grond is erg drassig en bij een begrafenis moesten de kisten onder het water geduwd worden tot ze niet meer dreven door de opgeworpen grond. Naar het schijnt vonden op deze begraafplaats akelige taferelen plaats, doordat het water ervoor zorgde dat de begraven lichamen niet goed konden ontbinden. Mede om de mindere geschiktheid van deze plaats om doden te begraven, werd in 1892 een stuk grond aangekocht in het gehucht Hebrecht bij Vlagtwedde voor de inrichting van een Joodse begraafplaats aldaar. Ook de Joden van Vlagtwedde gebruikten deze begraafplaats, hoewel ze dus eigendom was van de joodse gemeente van Bourtange. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Vlagtwedde C98 met plaatselijke benaming Tuinen en Kampen Bourtange genoemd. Bourtange werd in 1821 een bijkerk onder ringsynagoge Pekela. Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn bijna alle Joodse inwoners gedeporteerd. In 1948 werd de joodse gemeente van Bourtange bij Stadskanaal gevoegd. De synagoge aan de Batterijstraat werd verkocht en is sinds 1989 in gebruik als Joods Synagogaal Museum.
Bron: nl.wikipedia.org

70.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Bredelaan in Farmsum is de oudste Joodse begraafplaats van de Nederlandse provincie Groningen. Ze werd rond 1655 in gebruik genomen. Met name de Joden uit Delfzijl, waar een grote gemeenschap was, gebruikte deze begraafplaats, maar ook de Joden uit andere plaatsen brachten hier hun doden naar hun laatste rustplaats, omdat in hun eigen plaats (nog) geen eigen begraafplaats was. De begraafplaats werd al snel te klein en werd in 1703 uitgebreid. In 1775 volgde een tweede uitbreiding. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Delfzijl L74 met plaatselijke benaming Geesweer genoemd. Er bevinden zich nog zo'n 90 grafstenen op deze begraafplaats, maar het aantal begravenen zal hoger liggen. Er werd vroeger veel gebruikgemaakt van houten grafmarkeringen, omdat steen te duur was. Een heel bijzondere grafsteen die op deze begraafplaats heeft gestaan, staat nu in het Rabbinaatshuis te Groningen. Het is de steen van Rabbijn Jozef. Hij overleed in 1693.
Bron: nl.wikipedia.org

71.

0   0

Joodse begraafplaats


In Appingedam ligt aan de Heidensgang een Joodse begraafplaats, die in 1763 in gebruik werd genomen. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Appingedam D36 genoemd met plaatselijke benaming Appingedam. De eerste vermelding van Joden in Appingedam is uit de tweede helft van de zestiende eeuw. Pas in de achttiende eeuw kwam er een georganiseerde Joodse gemeenschap. Aanvankelijk maakten de joodse inwoners van Appingedam gebruik van een apart gedeelte van de joodse begraafplaats te Farmsum. Erediensten vonden plaats in een huissynagoge aan de Dijkstraat. In 1801 werd de synagoge aan de Broerstraat ingewijd. In 1821 kreeg Appingedam de status van ringsynagoge. Omstreeks 1900 werd op de begraafplaats een metaheerhuis gebouwd, waar de doden werden verzorgd en van waaruit de uitvaart plaatsvond. Dit gebouw bestaat niet meer; er rest slechts een herdenkingssteen. De begraafplaats is afgesloten middels een muur en een hekwerk. In augustus 1942 zijn vrijwel alle Joden van Appingedam gedeporteerd. Slechts een enkeling overleefde de oorlog. Na de oorlog werd de synagoge opgeknapt en tot 2012 gebruikt door de Vrijgemaakt Gereformeerde Gemeente. Sinds 2010 is het gebouw in het bezit van de Stichting Oude Groninger Kerken en gerestaureerd als synagoge. De joodse gemeente werd in 1948 officieel bij die van Groningen gevoegd. De begraafplaats aan de Heidensegang staat sinds 1968 op de lijst van beschermde monumenten en wordt door de plaatselijke overheid onderhouden. Sinds 1985 staat voor de voormalige synagoge een gedenkteken met namen van omgekomen Joodse bewoners van Appingedam.
Bron: nl.wikipedia.org

72.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Bellingwolde is gelegen aan de Kerkweg. Ze werd in gebruik genomen omstreeks 1881. Er bevinden zich 14 grafstenen. Er is echter bekend dat er in totaal 22 begrafenissen hebben plaatsgevonden. Acht grafstenen zijn dus verdwenen, of wellicht in het geheel niet opgericht. Vooral in de Tweede Wereldoorlog gebeurde het vaak dat overledenen geen grafsteen kregen, doordat hun verwanten waren gevlucht of gedeporteerd. Echter, gezien het feit dat laatste graf is gedolven in 1939, is dat onwaarschijnlijk. Bellingwolde was niet zelfstandig als Joodse gemeente, maar viel onder Nieuweschans. Ook hier is een Joodse begraafplaats gelegen. Omdat Bellingwolde nogal afgelegen lag van Nieuweschans, werd in 1879 het verzoek ingediend om een eigen begraafplaats te krijgen. De grond was oorspronkelijk eigendom van de Dominee. Deze verpachtte de grond voor 5 gulden per jaar. Thans is de grond eigendom van de burgerlijk gemeente van Bellingwolde. De meeste andere joodse begraafplaatsen in Nederland zijn eigendom van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap (N.I.K.). In 2010 is er ter nagedachtenis aan de 37 joden uit Bellingwolde en Wedde, die in de Tweede Wereldoorlog zijn weggevoerd en vermoord, een monument op de begraafplaats onthuld. Het ontwerp is van de Drentse kunstenaar Efraïm Milikowski. Het monument bestaat uit zes blokken natuursteen en drie glazen panelen, met daarop de namen van de slachtoffers plus hun geboortedatum en de plek waar ze zijn omgebracht.
Bron: nl.wikipedia.org

73.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Grijpskerk is ingericht op een apart gedeelte van de algemene begraafplaats. Vandaag de dag staan er nog 20 grafstenen, maar het is bekend dat er dat ooit 23 zijn geweest. De grafstenen staan in drie rijen opgesteld: mannen, vrouwen en kinderen. Grijpskerk werd pas aan het einde van de 19de eeuw een zelfstandige Joodse gemeente. In 1879 werd aan de Molenstraat een synagoge ingewijd, en in 1881 werd de Joodse begraafplaats in gebruik genomen. De gemeente heeft de begraafplaats nooit aan de Joodse gemeente overgedragen, ook niet aan het NIK, dat na de Tweede Wereldoorlog eigenaar werd van bijna alle Joodse begraafplaatsen in Nederland. De gemeente gaf de Joden 120 grafruimten in gebruik voor onbepaalde tijd en beloofde de begraafplaats altijd te zullen onderhouden. Toen Grijpskerk een zelfstandige Joodse gemeente was, was ze qua leden al over haar hoogtepunt heen. Zo waren er in 1869 52 Joodse inwoners en in 1899 nog maar 35. Na de oorlog werd de Joodse gemeente opgeheven en bij Groningen gevoegd. De synagoge was al niet meer in gebruik en bovendien nagenoeg helemaal leeggeroofd tijdens de oorlog. Twee grote families waren de families Israëls en Gans. Van de beide families zijn 7 leden op deze begraafplaats begraven. De families trouwden onderling en andere graven horen weer toe aan aangetrouwden van de families Israëls en Gans.
Bron: nl.wikipedia.org

74.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Knijpslaan te Kolham was eigendom van de Joodse gemeente van Hoogezand-Sappemeer. Reeds aan het begin van de 18de eeuw vestigden zich hier de eerste Joden, maar pas in 1810 kregen ze een eigen synagoge in de Kalkwijk. De gemeente begroef haar doden in Farmsum of Groningen, maar er ontstonden problemen toen de Joodse gemeente van Hoogezand-Sappemeer niet altijd op tijd betaalde en zelfs een keer een lichaam naar Groningen stuurde, zonder dat men daar van wist. De Joodse gemeente was al lang op zoek naar een eigen begraafplaats en vond deze in 1836 in Kolham. In 1878 kwam op de begraafplaats een metaheerhuis te staan, maar dat was 50 jaar later zo bouwvallig geworden, dat het moest worden afgebroken. Op de begraafplaats ligt nog een steen met de inscriptie "Klein en groot zijn daar gelijk, de slaaf is vrij van zijn heer" (Job 3,19). Hoogstwaarschijnlijk was deze steen ingemetseld in het metaheerhuisje. Op de begraafplaats staan 140 zerken, maar er zijn ten minste 194 graven bekend. In de vroegste jaren van de begraafplaats werd veel gebruikgemaakt van houten grafmonumenten. Deze zijn binnen een paar jaar verteerd. Ook de administratie van de begraafplaats is verloren gegaan. Na de Tweede Wereldoorlog werd de gemeente bij Groningen gevoegd. De plaatselijke overheden van Hoogezand-Sappemeer en Slochteren verzorgen het beheer van de Joodse begraafplaats in Kolham.
Bron: nl.wikipedia.org

75.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Diepswal, nabij Leek, ligt aan de Roomsterstraatweg. Vandaag de dag staan er nog 95 grafstenen en een metaheerhuis. De begraafplaats werd in 1783 in gebruik genomen, maar pas in 1790 aangekocht. De Joodse gemeente van Leek was vrij groot. In 1811 werd aan het Boveneind een synagoge ingewijd. Dit gebouw werd in 1911 vervangen door een nieuw gebouw. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Leek E172 met plaatselijke benaming Diepswal genoemd. In de jaren '20 van de vorige eeuw is de begraafplaats door de drassige bodem flink verzakt. Dat leidde bij een begrafenis tot vervelende toestanden, namelijk dat de kisten bleven drijven in het grondwater. In 1936 werd daarom een grote muur gebouwd die het grondwater moest tegenhouden Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden bijna alle Joden van Leek gedeporteerd en vermoord. Slechts een enkeling wist zijn leven te redden door onder te duiken. 61 mensen hadden minder geluk. Hun namen worden gememoreerd op een bord bij de oude Joodse school van Leek, dat sinds 1985 een beschermd monument is. In januari 2006 zijn zeven grafstenen die jaren in brokstukken in het metaheerhuisje hebben gelegen, gerenoveerd en teruggeplaatst op de Joodse begraafplaats in Diepswal. De lokale overheid verzorgt het beheer van de begraafplaats. Ongebruikelijk genoeg is op de Joodse begraafplaats van Leek geen enkele Cohen begraven. Zowel de begraafplaats, als het hek en de muur, staan op de monumentenlijst.
Bron: nl.wikipedia.org

76.

0   0

Joodse begraafplaats


Op de algemene begraafplaats van Leens is een apart deel ingericht als Joodse begraafplaats. De Joodse gemeenschap van Leens was zelfstandig en kreeg in 1878 dit deel van de begraafplaats in gebruik. De burgerlijke gemeente bleef echter eigenaar. Op de begraafplaats staan 25 grafstenen in twee rijen: mannen en vrouwen. Dit komt op meerdere Joodse begraafplaatsen in de provincie Groningen voor. Bijzonder op deze begraafplaats zijn de drie bewaard gebleven houten grafmonumenten. Bekend is dat er ten minste nog één houten grafmonument meer heeft gestaan, maar dat deze is verdwenen. De gemeente heeft beloofd de begraafplaats te onderhouden en doet dit keurig. Er is echter ook bepaald dat dit slechts zal duren tot 30 jaar na het sluiten van de algemene begraafplaats. Mocht de algemene begraafplaats ooit geruimd worden, dan is het aannemelijk dat de Joodse begraafplaats verplaatst zal moeten worden.
Bron: nl.wikipedia.org

77.

0   0

Joodse begraafplaats


In Bad Nieuweschans ligt een vrij grote Joodse begraafplaats aan de Bunderpoort. De Joodse gemeente begon al vroeg in haar ontstaan: rond 1630. Op verschillende plaatsen werden de doden begraven. Koning Willem gaf de Joden toestemming een eigen begraafplaats op te richten. In 1854 vroegen de Joden uit het Duitse Bunde of zij ook van de begraafplaats gebruik mochten maken. Men was niet eensgezind, maar stond het uiteindelijk wel toe. De Joden uit Nieuweschans betaalden 75 cent voor hun graf, terwijl de Duitsers fl. 12,50 op tafel moesten leggen. Vijftien graven werden voor de Bunders gereserveerd, maar uiteindelijk vonden er zestien hun laatste rustplaats. De Bunders werden tot 1873 in Nieuweschans begraven. Waarschijnlijk hebben zij na die tijd uitgekeken naar een andere (goedkopere) locatie. In 1876 kwam op de begraafplaats een stenen metaheerhuis te staan. De meeste metaheerhuisjes op Groningse begraafplaatsen waren van hout. Het metaheerhuis staat er nog steeds en is sinds 1973 een rijksmonument. Ook is nog een deel van de oorspronkelijke gracht aanwezig. Op de begraafplaats staan 45 grafstenen, maar er zijn twee dubbele graven. Ook de Joodse begraafplaats van Bellingwolde was eigendom van de Joodse gemeente van Nieuweschans. Deze gemeente was al ruim voor de Tweede Wereldoorlog op haar retour. De bouwvallige synagoge sloot al in 1925 haar deuren. In 1948 werd de gemeente officieel ontbonden en bij die van Stadskanaal gevoegd.
Bron: nl.wikipedia.org

78.

0   0

Joodse begraafplaats


Roosendaal (provincie Noord-Brabant) had in het begin van de 19de eeuw een kleine Joodse gemeenschap. Zij had geen eigen begraafplaats, maar gebruikte hoogstwaarschijnlijk de Joodse begraafplaats Oudenbosch. Uit archiefstukken is bekend dat de Joodse gemeenschap wel onkosten had voor een begraafplaats. Interessant is dat er op de algemene begraafplaats van Roosendaal één Joods graf aanwezig is. Het is het graf van Samuel Eliazar van Beem uit Amsterdam, die op 1 september 1912 onwel werd in de trein en kwam te overlijden ten gevolge van een herseninfarct. Om onduidelijke redenen is hij begraven in Roosendaal, op het christelijke kerkhof. Hij ligt begraven in een anoniem graf in de afdeling vreemdelingen. Zijn graf wordt gemarkeerd door een betonnen paaltje met nummer 244. Het NIK is met de gemeente overeengekomen dit graf te kopen.
Bron: nl.wikipedia.org

79.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan het Gedempte Ceresdiep in Stadskanaal is pas relatief laat gesticht. In 1848 vroeg de Joodse gemeente van Stadskanaal toestemming om een stuk land, dat eigendom was van de stad Groningen, te mogen gebruiken als begraafplaats. Bij raadsbesluit van 1 december 1849 werd het perceel tussen de eerste en tweede afdraai van het Stadskanaal afgestaan aan de Joodse gemeente. De oudste zichtbare grafsteen die nu nog aanwezig is, is die van Aron Juda de Levie (1822-1881). De eerste begrafenis is volgens de boeken echter al in 1878 geweest. Het ging om Jehoeda Levie de Vries. Deze zerk is ooit opgedolven geweest en weer begraven. Aanvankelijk viel de Joodse gemeente van Stadskanaal onder die van Veendam. Omstreeks 1850 werd Stadskanaal zelfstandig in de rang van bijkerk. Veendam had al in de 18de eeuw een eigen Joodse begraafplaats. Het is mogelijk dat vóórdat Stadskanaal een eigen begraafplaats had, zij haar doden in Veendam begroef. Na de Tweede Wereldoorlog werd de Joodse gemeente van Veendam bij Stadskanaal gevoegd. In 1988 werd Stadskanaal weer bij Groningen gevoegd. De synagoge - gelegen aan de Hoofdstraat in Stadskanaal - werd in 1958 verkocht en omstreeks 1964 gesloopt. Er werden nog enkele jaren diensten gehouden in een huis naast de synagoge, maar de gemeente was na de oorlog te klein geworden. In 1930 waren er in Stadskanaal en omgeveving ongeveer 150 Joden gevestigd, na de oorlog waren dat er nog geen 30. Op de Joodse begraafplaats van Stadskanaal staan 110 grafstenen. De plaatselijke overheid beheert de begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

80.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Warffum, ligt op een apart deel van de algemene begraafplaats. Warffum heeft nooit een zelfstandige Joodse gemeente gehad; het viel onder Winsum. Warffumse kooplieden wilden graag een eigen Joodse begraafplaats. De burgerlijke gemeente wilde geen grond ter beschikking stellen, waarna de Joden een verzoek deden bij de Hervormde Gemeente. Deze verkocht de Joden in 1885 een deel van hun begraafplaats. Op de begraafplaats staan 29 grafstenen, waarvan de oudste uit 1887 stamt. Daarnaast is er nog een gedenkteken voor 22 Joodse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.
Bron: nl.wikipedia.org

81.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaatst in Veendam ligt aan de Sluisweg. Zij werd vanaf 1741 gebruikt door de Joodse gemeente. Aanvankelijk werd het land gepacht, maar in 1825 kon de Joodse gemeente deze pacht afkopen en zich zodoende eigenaar noemen. De begraafplaats werd in 1779 en in 1902 uitgebreid en bestaat dus uit drie delen. Er zijn vandaag de dag echter maar twee delen herkenbaar. Op het oude deel staan zes grafstenen, waarvan de oudste uit 1802. Op het nieuwe deel staan 310 grafstenen. In HISGIS worden in 1832 het perceel Veendam H28 met plaatselijke benaming Zuiderwijk en het perceel Veendam I266 met plaatselijke naam Boven-Ooster genoemd. De begraafplaats kreeg in 1775 een opzichterswoning en een metaheerhuis. De opzichterswoning was nodig omdat er op de begraafplaats vandalisme werd gepleegd. Veendam had een grote Joodse gemeente en had de rang van ringsynagoge. Aan het Midden-Verlaat stond een synagoge die in 1798 officieel werd ingewijd. Voor de Tweede Wereldoorlog woonden er in Veendam nog zo'n 300 Joden. Na de oorlog waren er dat nog maar enkelen. Het was onmogelijk om de Joodse gemeente zelfstandig te laten doorgaan en ze werd dan ook in 1948 bij Stadskanaal gevoegd. Een monument herinnert aan de plaats waar tot 1947 de synagoge heeft gestaan. Voor de oorlogsslachtoffers werd in 1951 een gedenkteken op de begraafplaats opgericht. De begraafplaats wordt tegenwoordig onderhouden door de plaatselijke overheid.
Bron: nl.wikipedia.org

82.

0   0

Joodse begraafplaats


Aan de Prins Mauritsstraat in het Gelderse Bredevoort ligt een Joodse begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

83.

0   0

Joodse begraafplaats


De joodse begraafplaats van Blokzijl is een begraafplaats in de Overijsselse stad Blokzijl, die door de joodse gemeenschap in 1771 werd gekocht. De eerste joden vestigden zich in de tweede helft van de 18e eeuw in Blokzijl. De joodse gemeenschap in Blokzijl heeft altijd een bescheiden omvang gehad. Aanvankelijk werden de diensten thuis gehouden. In 1828 kon een synagoge aan de Zuiderstraat in gebruik worden genomen. Ook de kleine joodse gemeenschap van Vollenhove maakte gebruik van deze synagoge. In 1925 werd de synagoge vanwege bouwvalligheid afgebroken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog telde de joodse gemeenschap van Blokzijl en Vollenhoven nog veertien personen. Zij werden allen vermoord in de Duitse vernietigingskampen. Ter nagedachtenis aan hen is een herinneringsteen geplaatst op het kerkhof. De begraafplaats werd in 1999 gerestaureerd en valt onder beheer van de gemeente Steenwijkerland. De begraafplaats telt elf grafstenen van overleden Joden in de periode 1826 tot 1917.
Bron: nl.wikipedia.org

84.

0   0

Joodse begraafplaats


Uithuizen heeft een kleine Joodse begraafplaats achter de algemene begraafplaats aan de Hoofdstraat. Er staan 24 grafstenen. Tot in de tweede helft van de negentiende eeuw gebruikte de Joden in Uithuizen de Joodse begraafplaats in Appingedam. Dat betekende een tocht van ca. 20 km over nauwelijks gebaande wegen. Met name in de winter was dit bijna niet te doen. Daarom vroeg de gemeente toestemming een eigen begraafplaats te stichten. Omstreeks 1864 werd de begraafplaats in gebruik genomen. Veel grafschriften dragen uitsluitend Hebreeuwse teksten. De Joodse gemeenschap van Uithuizen was klein, maar zelfstandig als bijkerk onder ringsynagoge Appingedam. Met het opheffen van de Joodse gemeenschap van Appingedam, werd ook de Joodse gemeenschap van Uithuizen na de Tweede Wereldoorlog officieel opgeheven en bij Groningen gevoegd.
Bron: nl.wikipedia.org

85.

0   0

Joodse begraafplaats


In het Groningse Zuidbroek ligt aan de Botjesweg, bij de zuidwesthoek van Botjes Zandgat de Israëlitische begraafplaats, ook wel aangeduid als Jodenkerkhof. Dit was een Joodse begraafplaats voor inwoners van Noordbroek, Zuidbroek en nabijgelegen buurtschappen en gehuchten, zoals Uiterburen en 't Veen. De Joden in Noordbroek en Zuidbroek maakten aanvankelijk deel uit van de Joodse gemeenten van Veendam of Hoogezand-Sappemeer. De laatste gemeente had een Joodse begraafplaats in Kolham. Op deze begraafplaats zijn nog vijf grafstenen te vinden van Joden uit Noord- en Zuidbroek. Het was echter wenselijk voor de Joden in Noord- en Zuidbroek een eigen begraafplaats te hebben. Lange tijd werden de overledenen begraven op het zogenoemde galgenkerkhof, een afgezonderd deel aan de westzijde van de begraafplaats rond de Hervormde Gemeente. Daar werden ook terechtgestelde misdadigers, vreemdelingen, armen en ongedoopten begraven. In de periode 1840-1871 zijn hier ten minste vier Joden begraven. In 1886 werd een stuk land aan 't Veen en de huidige Botjesweg gekocht. Dit werd bestemd tot een Joodse begraafplaats. Er zijn ten minste 27 mensen begraven. Reeds voor de Tweede Wereldoorlog was de Joodse gemeenschap van Noord- en Zuidbroek al te klein om zelfstandig verder te kunnen gaan. In 1924 werd Noord- en Zuidbroek weer bij Hoogezand-Sappemeer gevoegd. De begraafplaats bleef wel nog in gebruik. Tussen 1924 en 1938 vonden nog zes begrafenissen plaats. Na de Tweede Wereldoorlog keerden geen Joden meer terug. Op de begraafplaats is een gedenkteken aangebracht: in een davidster staat de tekst:
Bron: nl.wikipedia.org

86.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats langs de Munsterweg in Winsum werd in 1867 in gebruik genomen. De Joodse gemeenschap bestond echter al langer, want bij de ressortale indeling van 1821 werd Winsum al erkend. Aanvankelijk werden de doden begraven in Groningen, maar omdat de gemeente in leden bleef groeien, was een eigen begraafplaats zeer gewenst. In 1909 werden het bruggetje en het ijzeren toegangshek geplaatst. Dit was een geschenk van Betsy Boasson. Met dit hek is de begraafplaats een rijksmonument. Op de begraafplaats staan 50 grafstenen, waarvan de oudste uit 1867 en de jongste uit 1941. Reeds voor de Tweede Wereldoorlog was het aantal Joden in Winsum flink afgenomen. De synagoge aan de Nieuwstraat in Obergum (uit 1878) werd al in 1934 verkocht en doet vandaag de dag dienst als vergaderzaal.
Bron: nl.wikipedia.org

87.

0   0

Joodse begraafplaats


In Winschoten ligt een Joodse begraafplaats aan de Sint Vitusholt. Toch is dit niet de enige Joodse begraafplaats van deze stad. Aan de Liefkensstraat heeft namelijk ook een Joodse begraafplaats gelegen.
Bron: nl.wikipedia.org

88.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Rhenen ligt aan Lupinestraat. Het is een kleine privébegraafplaats van de familie Frank. Er staan drie grafstenen, die alle drie de familienaam Frank dragen. Er hebben meer Joden in Rhenen gewoond dan de leden van deze familie. De eerste Joden zouden zich in de tweede helft van de 17de eeuw in Rhenen hebben gevestigd. In 1821 werd Rhenen een bijkerk van de Ringsynagoge Veenendaal. De gemeente had echter geen eigen begraafplaats, maar gebruikte de begraafplaats in Wageningen. Nog voor de Tweede Wereldoorlog werd de Joodse gemeente van Rhenen opgeheven. De begraafplaats van Rhenen werd in 1891 gesticht door de slager Jacob Frank. Het was de bedoeling dat de begraafplaats ook door andere Joden uit Rhenen en uit Lienden zou worden gebruikt, maar om onbekende redenen is dat nooit gebeurd. Naast Jacob Frank werden alleen zijn broer Abraham en zijn zoon David op de begraafplaats begraven. De begraafplaats is afgesloten met een hekwerk. Aan weerszijden van het hekwerk zijn twee stenen ingemetseld. De linkersteen draagt de tekst: De rechtersteen draagt de tekst:
Bron: nl.wikipedia.org

89.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Herwijnen is ingericht op een apart deel van de algemene begraafplaats aan de Peperstraat. Er staan zes grafstenen, waarvan één een dubbelgraf markeert. Herwijnen had aan het begin van de 19de eeuw ongeveer 30 Joodse inwoners en dat aantal bleef gedurende de hele eeuw gelijk. In de 19de werd het aantal lager en nog voor de Tweede Wereldoorlog werd de gemeente definitief bij Zaltbommel gevoegd. Vóór 1821 en tussen ca. 1870 en 1920 was Herwijnen zelfstandig als bijkerk. De begraafplaats zal omstreeks 1870 zijn ingewijd. Toen werd Herwijnen immers weer zelfstandig en de oudste grafsteen dateert ook van die tijd (1874). De familienaam van Straten overheerst op de begraafplaats. Vier van de zes zerken dragen deze naam.
Bron: nl.wikipedia.org

90.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Geldermalsen ligt aan de Meersteeg. De kleine begraafplaats was privébezit, dat verklaart de kleine hoeveelheid graven; zes grafstenen zijn bewaard gebleven. Als stichter wordt de familie Beem genoemd. Op de begraafplaats zijn twee graven die deze naam dragen: Johanna Beem-van Leeuwen en Salomon David Beem. Op de grafsteen van Johanna Beem staat te lezen: Geldermalsen is echter nooit een zelfstandige Joodse gemeente geweest, maar viel onder Tiel. De begraafplaats werd in 1885 gesticht en in 1935 aan de Joodse gemeente Tiel overgedragen.
Bron: nl.wikipedia.org

91.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Strijen ligt langs de Oud-Bonaventuresedijk. Ze werd in 1895 in gebruik genomen en de eerste begrafenis vond een jaar later plaats. De Joodse gemeente was ontstaan in de 18de eeuw en was klein, maar wel zelfstandig. Sinds 1857 hadden ze een eigen synagoge aan de Kerkstraat. Voor de Tweede Wereldoorlog was het aantal Joden in Strijen al wat afgenomen. Zij die er nog waren, werden bijna allemaal gedeporteerd. In 1948 werd de gemeente opgeheven en bij Rotterdam gevoegd. De begraafplaats werd nog tweemaal gebruikt: in 1969 en in 2002. Thans staan er 28 grafstenen en één gedenksteen. Het aantal begravenen is echter hoger. Zo is bekend dat er een bij de geboorte overleden drieling is begraven, maar een gedenkteken ontbreekt. Op de begraafplaats staat ook een metaheerhuis. Nabij de Leeuwerikstraat staat een monument voor de slachtoffers voor de oorlog.
Bron: nl.wikipedia.org

92.

0   0

Joodse begraafplaats


Aan de Parkweg in Beesd ligt een kleine Joodse begraafplaats, met dertien graven en één herdenksteen. De oudste aanwezige grafsteen is uit 1898 , en de jongste uit 1998. De begravenen behoren allen tot de familie van Straten of aangetrouwden van deze familie; de begraafplaats was een privébezit van deze familie. De mensen die in Beesd zijn begraven vormen drie generaties van één familie. Opgemerkt moet worden dat er voor de familienaam twee schrijfwijzen zijn, namelijk 'van Straten' en 'van Straaten' (dus met één of twee "a"-s). Er zijn ook een aantal echtelieden bekend die beide de naam van Straten hebben. Dit wijst erop dat er ook huwelijken tussen neef en nicht werden gesloten. De grafstenen verkeren in slechte staat en de namen zijn soms slecht leesbaar. De grafstenen zijn door het Stenen Archief geïnventariseerd. Beesd kende nooit een zelfstandige Joodse gemeenschap. De Joodse inwoners van Beesd werden daarom in Culemborg begraven, waar ook een Joodse begraafplaats bewaard is gebleven.
Bron: nl.wikipedia.org

93.

0   0

Joodse begraafplaats


Langs het Oorgat in Edam, vlak bij de plaats waar vroeger de Oosterpoort was, is een kleine Joodse begraafplaats bewaard gebleven, met 14 grafstenen. De oudst bewaarde grafsteen is uit 1804, maar de begraafplaats is ouder: ze werd in 1793 ingericht. De Joodse gemeente van Edam was toen nog vrij jong. Ze floreerde en werd in 1821 tot ringsynagoge verheven. Rond 1840 was de gemeenschap op haar hoogtepunt. Daarna slonk ze vrij snel en al in 1886 werd de gemeente opgeheven en bij Monnickendam gevoegd. Twee veel voorkomende namen op de grafstenen zijn Berlijn en Muller. Bij het betreden van de begraafplaats zal de aandacht meteen worden getrokken door een rode grafsteen in het midden van de begraafplaats. Het is echter onbekend wie er begraven is (of er iemand begraven is) want de steen is volledig blanco. Bij een restauratie zijn de letters op de stenen zwart geverfd, waardoor deze weer leesbaar werden. Tegenover de begraafplaats staat het monument De tochtgenoten, van Hubert van Lith, dat is opgericht ter herdenking van tijdens de Tweede Wereldoorlog omgekomen joodse Edammers.
Bron: nl.wikipedia.org

94.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van de kille van 's Graveland ligt net buiten de bebouwde kom, langs de Koninginneweg in Kortenhoef. De begraafplaats was in gebruik tussen 1859 en 1940. De Joodse gemeente van 's Graveland was het gevolg van een conflict binnen de Joodse gemeente van Hilversum. 's Graveland ging daarom van 1859 tot 1906 zijn eigen gang. Op de begraafplaats zijn 13 "grafstenen" bewaard gebleven. Dat wil zeggen: tien graven worden gemarkeerd door een steen en drie door een bordje. De begraafplaats werd in 1951 overgedragen aan het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap. De grafstenen zijn geïnventariseerd in het Stenen Archief.
Bron: nl.wikipedia.org

95.

0   0

Joodse begraafplaats


Op een apart deel van de algemene begraafplaats Duinrust in Beverwijk is een Joodse begraafplaats ingericht. Het is echter niet de oorspronkelijke begraafplaats. De Joodse gemeente van Beverwijk ontstond rond 1800. In 1809 werd een Joodse begraafplaats ingericht aan de Kuikensweg in Beverwijk. De Joodse gemeente van Beverwijk had jarenlang rond de 130 leden. Na de Tweede Wereldoorlog keerde nog maar een enkeling terug. De gemeente werd opgeheven en bij Haarlem gevoegd. In 1951 werd de begraafplaats in Beverwijk geruimd. De resten werden overgebracht naar de algemene begraafplaats Duinrust. Er staan 45 grafstenen, maar het aantal begravenen ligt hoger: meer dan 100. Waarschijnlijk zijn een aantal grafstenen verloren gegaan in de tijd dat deze in Beverwijk stonden. De resterende grafstenen zijn geïnventariseerd in het Stenen Archief.
Bron: nl.wikipedia.org

96.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Dieren in de gemeente Rheden in Gelderland werd in 1892 gesticht door het plaatselijke Israëlietisch kerkbestuur. Een stuk land groot 1250 m2 gelegen ter hoogte van de 'Goudakkers' werd gekocht van de Buurtschap van Dieren. In 1925 werd een stenen metaheerhuis gebouwd. De begraafplaats is anno 2010 gelegen aan de rand van een woonwijk tussen de Alphons Diepenbrocklaan en de Bernhard Zweerslaan. De dodenakker wordt sinds 1950 door de gemeente Rheden onderhouden.
Bron: nl.wikipedia.org

97.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Monnickendam ligt aan het Zuideinde, net buiten de stadsomwalling. Dit is typisch voor een Joodse begraafplaats, omdat deze door de Joden zelf als onrein worden gezien. Daarom werd een Joodse begraafplaats altijd buiten de stad aangelegd. De begraafplaats werd in 1677 toegewezen aan de toen nog weinige (waarschijnlijk Sefardisch-) Joodse inwoners van Monnickendam. Pas een ruime eeuw later zouden de Joden zich meer gaan organiseren. In de vroege negentiende eeuw kwam de eerste echte synagoge. Nog voor de Tweede Wereldoorlog nam het aantal Joodse inwoners van Monnickendam af, maar op belangrijke Joodse Feestdagen werden er nog diensten gehouden. Na de oorlog werd de gemeente bij Amsterdam gevoegd. Op de begraafplaats staan nog 36 grafstenen, maar het aantal begravenen ligt vermoedelijk vele malen hoger. De teksten op de stenen zijn zwart gemaakt en zodoende goed leesbaar. De plaatselijke overheid beheert de begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

98.

0   0

Joodse begraafplaats


In Ommen is een kleine Joodse begraafplaats gelegen aan de Dr. A.C. van Raaltestraat. Er staan 30 grafstenen, waarvan het oudste dateert uit 1830. Ommen had een kleine Joodse gemeenschap, maar was wel zelfstandig in de rang van bijkerk. De gemeente had vlak voor de Tweede Wereldoorlog nog maar dertig leden waarvan er een enkele na de oorlog terugkeerde. De gemeente werd dan ook in 1947 bij Zwolle gevoegd. Onder de synagoge van Ommen vielen ook de Joodse inwoners uit het naburige brinkdorp Den Ham. Hier zijn twee Joodse begraafplaatsen gelegen.
Bron: nl.wikipedia.org

99.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Bussum is gelegen op een apart deel van de algemene begraafplaats aan de Amersfoortsestraatweg. Er staan zo'n 200 grafstenen. Ze werd aanvankelijk gebruikt door de Joden van Naarden en later door de Joden van Bussum.
Bron: nl.wikipedia.org

100.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Westerweg in Alkmaar werd omstreeks 1740 gesticht. Eerder begroeven de Sefardische Joden, die zich vanuit Amsterdam in Alkmaar vestigden, in het nabijgelegen Groet. Dat was nog vóór de tijd dat Beth Haim werd gesticht. De Sefardische Joden vertrokken weer uit Alkmaar en in de loop van de zeventiende eeuw vestigden de Asjkenazische Joden zich in Alkmaar. In 1808 kreeg de Gemeente een eigen synagoge aan de Hofstraat. Het gebouw bestaat nog steeds maar is nu eigendom van de Baptisten. Al voor de Tweede Wereldoorlog slonk de Gemeente, maar ze kon na de oorlog toch blijven bestaan tot de dag van vandaag. De begraafplaats telt ongeveer 350 grafstenen en wordt door vrijwilligers onderhouden. De begraafplaats en het metaheerhuisje zijn een rijksmonument.
Bron: nl.wikipedia.org

101.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de Oranjestraat in Enkhuizen stamt uit 1738. De begraafplaats werd per jaar verhuurd. Naast een begraafplaats hadden de Joden een eigen synagoge aan de Zuider Havendijk. In haar beginjaren was de Joodse Gemeente met rond de 100 leden vrij groot, maar de Franse Revolutie zorgde voor economische terugval, waardoor de meeste Joden ook weer vertrokken naar plaatsen met een gunstiger handelsklimaat. In de negentiende eeuw bleef het aantal Joodse inwoners rond de 50 steken. Genoeg om een kleine, maar wel zelfstandige Gemeente te kunnen vormen. In de twintigste eeuw nam het aantal nog verder af, en door gedwongen verhuizingen naar Amsterdam bleef het aantal Joodse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog relatief beperkt, zeker vergeleken met andere Joodse Gemeenten. Toch was de gemeente na de oorlog te klein om zelfstandig verder te kunnen gaan. In 1964 werd de joodse gemeente officieel bij die van Alkmaar gevoegd. De begraafplaats is een stille herinnering aan de Joodse Gemeente van Alkmaar. Op de begraafplaats staan 45 grafstenen, maar het aantal begravenen ligt volgens de boeken rond de 130. Op de begraafplaats is ook een metaheerhuis aanwezig.
Bron: nl.wikipedia.org

102.

0   0

Joodse begraafplaats


Op de hoek van de Oude Haven en de Bangert in Medemblik is een Joodse begraafplaats gelegen. Ze werd in 1765 aangekocht, nog voordat de Joden in 1808 een synagoge zouden krijgen aan de Gedempte Achterom. Op de begraafplaats staan nog 33 grafstenen. Medemblik was een kleine, maar wel zelfstandige Joodse gemeente. Voor de Tweede Wereldoorlog waren er nog maar tien Joden woonachtig. In 1950 werd de Gemeente opgeheven en bij Enkhuizen gevoegd.
Bron: nl.wikipedia.org

103.

0   0

Joodse begraafplaats


Aan de Haartsestraat in het Gelderse Aalten ligt een Joodse begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

104.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Bronkhorst, ook wel Straalmanshof geheten, is gelegen aan het Maneveld in Bronkhorst, gemeente Bronckhorst in de provincie Gelderland.
Bron: nl.wikipedia.org

105.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in de Overijsselse stad Steenwijk is gelegen aan de Eesveenseweg. Voor 1700 woonden er al Joden in Steenwijk en het stadsbestuur moedigde rond 1720 de vestiging van Joodse handelaren aan. De doden werden vanaf ca. 1775 begraven op een begraafplaats aan de Schapendrift ten zuiden van Noordwolde. Rond 1795 werd de dodenakker aan de Eesveenseweg aangekocht. Deze werd in de loop der jaren verschillende malen uitgebreid. De gemeente Steenwijk zorgt voor het onderhoud. De grafstenen zijn in juni 2001 gerestaureerd onder auspiciën van de stichting Beth Chaim. Het reinigingshuisje is in 1985 opnieuw opgebouwd, in de voorgevel bevindt zich sindsdien een gedenkplaat voor de Joodse bewoners van Steenwijk die de Tweede Wereldoorlog niet hebben overleefd.
Bron: nl.wikipedia.org

106.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats te IJsselmuiden in Overijssel dateert uit 1829 toen de begraafplaats voor de joodse inwoners van Kampen werd verplaatst van Kampen naar IJsselmuiden aan de andere zijde van de IJssel.
Bron: nl.wikipedia.org

107.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats 'Tacozijl' (Fries: Joadetssjerkhôf 'Teakesyl') in Friesland is gelegen bij Tacozijl. Ze heeft een oud en een nieuw gedeelte. Het oudste gedeelte werd omstreeks 1802 ten behoeve van de Joodse gemeenschap in Lemmer aangekocht en lag vlak achter de zeedijk. Omdat de begraafplaats door zijn lage ligging regelmatig overstroomde en daardoor onbruikbaar werd, is door de burgemeester in 1876 een aansluitend hoger gelegen perceel grond geschonken. Daar werd een nieuwe begraafplaats ingericht. Er staan in 2010 op de begraafplaats nog 29 grafstenen. Op het oude gedeelte 21 en op het nieuwe gedeelte 8. De oudste steen dateert van 1817. In 1938 vond de laatste begrafenis plaats. Op de begraafplaats bevindt zich ook een herinneringsmonument aan het feit dat drie Lemster Joden die in de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetters werden gedeporteerd, in het vernietigingskamp Auschwitz hun einde hebben gevonden. In 1989 werd door een groep Lemsters de stichting Joodse Begraafplaats Tacozijl opgericht. Doel was de zwaar verwaarloosde begraafplaats te renoveren. Deze stichting zorgt nog steeds voor het onderhoud. Het beheer is namens de eigenaar het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap in handen van It Fryske Gea.
Bron: nl.wikipedia.org

108.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Workum (gemeente Súdwest-Fryslân) is de oudste van de Nederlandse provincie Friesland. De grond werd in 1664 door ene David Salomons aangekocht om zichzelf en zijn familie daar te kunnen laten begraven. Op de begraafplaats zijn zes grafstenen uit de laat-zeventiende en vroeg-achttiende eeuw (1676, 1690, 1697, 1706 en 1714) bewaard gebleven. Zij behoren daarmee tot de oudste Joodse grafstenen van Nederland. Voor zover na te gaan is, betreft het inderdaad de graven van David Salomons en zijn verwanten. In de jaren 30 van de 20ste eeuw werd de begraafplaats ommuurd. Sinds 1999 is het een rijksmonument. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Wor A1123 genoemd.
Bron: nl.wikipedia.org

109.

0   0

Joodse begraafplaats


In Meppel ligt een Joodse begraafplaats aan de Steenwijkerstraatweg.
Bron: nl.wikipedia.org

110.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats De Veldkamp te Harderwijk is gelegen aan de Lindenlaan in deze Gelderse gemeente. Ooit buiten de stad aangelegd, ligt het rechthoekige gebied met strak in het gelid staande grafstenen nu tussen hoge oude bomen in de schaduw van een modern appartementencomplex. De eerst bekende aanwezigheid van een Jood in Harderwijk dateert van 1590. In de zeventiende eeuw was vestiging er lange tijd niet toegestaan, maar vanaf 1760 konden Joden de rechten van ingezetene verkrijgen en twee jaar later werd hen ook het poorterschap gegund. Veel Joden hadden in die tijd banden met de plaatselijke universiteit.
Bron: nl.wikipedia.org

111.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Elburg in Gelderland is gelegen op de Oosterwal van het stadje, aan de NAP route, op de plaats die vroeger 'de Wandelingen' werd genoemd. Hoewel de oudste grafzerk dateert uit 1768 hebben er vrijwel zeker al veel eerder ter aarde bestellingen plaatsgevonden. Er zijn aanwijzingen dat aanleg dateert uit de eerste decennia van de 18e eeuw. Tot 1843 stond er een hoge heg om de begraafplaats maar in dat jaar werd er voor 498 gulden een ringmuur omheen gemetseld. In 1904 is die muur vervangen door de huidige muur. Rond 1940 bestond de Joodse gemeenschap van Elburg uit enkele tientallen mensen. Ongeveer de helft daarvan wist in de Tweede Wereldoorlog onder te duiken. De anderen zijn in Duitse kampen omgekomen. Een plaquette is ter nagedachtenis aan hen aangebracht op de muur van de begraafplaats. In 2002 is de dodenakker opgeknapt door de Stichting Boete en Verzoening uit Lelystad, met hulp van vrijwilligers uit Elburg. De gemeente Elburg draagt zorg voor het reguliere onderhoud. Sinds 1855 beschikte men in Elburg over een synagoge. Deze kreeg na 1945 een culturele bestemming en herbergt sinds 2008 onder de naam 'Sjoel Elburg' een museum over 12 Joodse families die vanaf 1700 in de stad hebben gewoond.
Bron: nl.wikipedia.org

112.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in de wijk Het Veen in het Gelderse Hattem ligt aan de Kerkhofdijk naast de algemene begraafplaats. Nadat begin achttiende eeuw de eerste Joodse beroepsbeoefenaar toestemming kreeg zich in Hattem te vestigen kwam daar ook een synagoge tot stand. Deze werd echter na 1790 niet meer gebruikt omdat het aantal Joodse inwoners sterk was verminderd. Het duurde tot 1887 voor een joodse gemeente en een nieuwe synagoge konden worden gesticht. In 1883 was reeds de begraafplaats in het veengebied buiten de stad aangekocht. Bij het begin van de Duitse bezetting in 1940 woonden er ongeveer 70 Joden in Hattem, waaronder 20 Duitse vluchtelingen. Van hen wisten slechts 7 de vervolgingen te overleven. Op de begraafplaats, die wordt onderhouden door de gemeente Hattem, bevinden zich 28 graftekens.
Bron: nl.wikipedia.org

113.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats Oranjewoud is de tweede joodse begraafplaats die in de Nederlandse gemeente Heerenveen werd aangelegd. Ze is gelegen bij het dorp Oranjewoud. In 1883 werd de grond er voor aangekocht met geld uit een donatie van de familie Rothschild. De andere joodse begraafplaats is gelegen in Heerenveen, aan de Veensluis. Deze was in gebruik tussen 1860 en 1880.
Bron: nl.wikipedia.org

114.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Doetinchem te Doetinchem in de Gelderse Achterhoek is gelegen op een geaccidenteerd terrein aan de Borneostraat en de IJkenbergerweg. De dodenakker heeft en oppervlakte van ruim 78 are. Het is niet bekend wanneer ze is gesticht. Op het kadastraal minuutplan, op zijn laatst daterend uit 1832, staat de Joodse begraafplaats al weergegeven.
Bron: nl.wikipedia.org

115.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats aan de voet van het historische Mussenbergbolwerk, ook wel de Kanonswal genoemd, in Groenlo in de Gelderse Achterhoek werd aan het begin van de negentiende eeuw gesticht.
Bron: nl.wikipedia.org

116.

0   0

Joodse begraafplaats


De eerste Joodse begraafplaats van Zwartsluis was sinds 1722 gelegen aan de Kleine Schans, ze werd ook gebruikt door de Joodse gemeente Meppel. Deze begraafplaats is in de tweede helft van de twintigste eeuw geruimd. Achter de in 1853 gebouwde synagoge aan de Baanstraat werd een tweede begraafplaats ingericht. De synagoge kwam na de Tweede Wereldoorlog niet meer in gebruik en werd in 1969 gesloopt. Het gebouw van de Joodse school is bewaard gebleven en werd gerestaureerd. De begraafplaats wordt thans door de plaatselijke overheid onderhouden. In 1984 is bij de ingang van de dodenakker een herinneringsmonument geplaatst ter nagedachtenis aan de in de Tweede Wereldoorlog gedeporteerde Joodse Zwartsluizers. Van de 84 wist slechts een enkeling onder te duiken. De weggevoerden vonden op één na allen de dood.
Bron: nl.wikipedia.org

117.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Dalfsen is gelegen op de Gerner Es aan de noordkant van Dalfsen in Overijssel. Al in 1760 woonden er Joden in het dorp. In 1866 werd de synagoge in Dalfsen ingewijd. Nadat de joodse gemeente wegens de geringe omvang in 1937 werd ontbonden en bij Zwolle gevoegd, verkocht men het synagogegebouw aan de Julianastraat dat daarna diverse bestemmingen heeft gekend. In 1982 werd het gebouw door een stichting gerestaureerd en vervolgens in gebruik gekomen voor culturele doeleinden. De begraafplaats was in gebruik van 1855-1927, maar ook in 1972 is er nog iemand ter aarde besteld. Sinds 1958 wordt ze onderhouden door de burgerlijke gemeente Dalfsen. De afgesloten dodenakker is omgeven door een vierkant gietijzeren hek, ze ligt ingeklemd tussen sportvelden en een boerderij, nauwelijks zichtbaar vanwege de dichte begroeiing rondom. Het Stenen Archief heeft de stenen geïnventariseerd.
Bron: nl.wikipedia.org

118.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in Noordwolde bestaat sinds 1770. Van 1770 tot 1870 maakte een kleine joodse gemeenschap deel uit van Noordwolde. Deze gemeenschap beschikte over een synagoge en een begraafplaats. Omdat deze begraafplaats de eerste in Friesland was, zijn er behalve uit Noordwolde, ook joden uit de omliggende plaatsen, zoals Steenwijk en Gorredijk begraven. In HISGIS wordt in 1832 het perceel Nwd A161 genoemd. De begraafplaats werd op 25 oktober 2003 van 'It Fryske Gea' overgedragen aan het Nederlands-Israëlitisch kerkgenootschap. Bij die gelegenheid werd een monument onthuld ter herinnering van de joodse oorlogsslachtoffers uit Stellingwerf. Op dit monument staan de namen van de oorlogsslachtoffers vermeld.
Bron: nl.wikipedia.org

119.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats te Maassluis was al voor 1829 gevestigd aan de Roggekade in de Kapelpolder buiten de stad Maassluis. Nadat deze in 1950 was geruimd werden de stoffelijke resten herbegraven op een Joods gedeelte van de Algemene Begraafplaats Maassluis aan de Willem de Zwijgerstraat. Daar werden ook 23 grafstenen herplaatst. Op 27 april 1688 vestigde de eerst bekende Joodse inwoner, de tabaksverkoper Levi Jacobs, zich in Maassluis. Vooral na 1750 groeide de Joodse gemeenschap gestaag. Maassluis was een van de weinige plaatsen in Zuid-Holland waar Joden welkom waren. In 1769 kreeg de joodse religieuze gemeente toestemming om een synagoge te bouwen. Na 1890 trok het grootste deel van de Maassluizer Joden weg. In 1930 woonden er 18 Joden, allen die in 1942 zijn weggevoerd hebben de Tweede Wereldoorlog niet overleefd. De begraafplaats aan de Roggekade was in de twintigste eeuw voor een groot deel begroeid met bomen en omgeven door een hoge muur. Bij de toegang stond het metaheerhuis. De laatste begrafenis vond er in 1937 plaats. Na de ruiming en herbegraving in 1950 op een nieuw Joods gedeelte van de algemene begraafplaats werden 21 grafstenen op het collectieve graf gelegd. Twee andere zijn rechtop geplaatst.
Bron: nl.wikipedia.org

120.

0   0

Joodse begraafplaats


In Coevorden ligt naast de Algemene Begraafplaats aan de Ballastweg een Joodse begraafplaats met een metaheerhuisje. Deze begraafplaats werd ingewijd in 1894. Ze verving de oude begraafplaats aan de Kerkstraat, die op het terrein van de synagoge was gelegen. Deze was in gebruik sinds 1775. Deze begraafplaats werd geruimd en de graven werden overgebracht naar de Ballastweg. Het synagogegebouw staat er nog steeds, maar na de Tweede Wereldoorlog werd het Joodse leven in Coevorden niet meer hervat. Het gebouw herbergt nu een muziekschool. Naast de genoemde begraafplaatsen in Coevorden, werden ook de begraafplaatsen in Dalen en Gees gebruikt. Ook wordt een Joodse begraafplaats in Oosterhesselen genoemd. Hier zijn geen sporen van bewaard gebleven, maar het bestaan ervan is wel aannemelijk, omdat van de begraafplaatsen in Dalen en Gees ook nauwelijks sporen zijn.
Bron: nl.wikipedia.org

121.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats in de Pol werd aangelegd in de 19e eeuw voor het begraven van de overleden joodse inwoners van Willemsoord in Overijssel, één van de kolonies van de Maatschappij van Weldadigheid.
Bron: nl.wikipedia.org

122.

0   0

Joodse begraafplaats


In het Gelderse Buren is een tweetal Joodse begraafplaatsen gelegen. De grond aan de Aalsdijk is door Prins Frederik Hendrik in 1672 aan Moses Ephraim geschonken om daar een Joodse begraafplaats op te richten. In 1845 werd een tweede begraafplaats in gebruik genomen gelegen op de voormalige kasteelwal naast de algemene begraafplaats.
Bron: nl.wikipedia.org

123.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Utrecht ligt aan het Zandpad bij huisnummer 2. De begraafplaats, het poortgebouw en het metaheerhuisje zijn rijksmonumenten.
Bron: nl.wikipedia.org

124.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats van Tiel is gelegen aan de Voor de Kijkuit. De begraafplaats, het toegangshek en het metaheerhuisje zijn rijksmonumenten. Over de begraafplaats in Tiel is niet veel bekend, doordat het archief van de joodse gemeente in de Tweede Wereldoorlog verloren is gegaan. Volgens Rijksmonumenten.nl is hij van architectuurhistorische, stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarde: Een gaaf en goed voorbeeld van een begraafplaats waarin de typische kenmerken van een negentiende-eeuwse Joodse begraafplaats herkenbaar zijn, zoals een eenvoudig omsloten grafveld met eenvoudig vormgegeven zerken in rijen. De graftekens bezitten een collectieve betekenis voor het typische karakter van de begraafplaats door hun materiaalgebruik, eenvoudige vorm en situering.
Bron: nl.wikipedia.org

125.

0   0

Joodse begraafplaats


De Joodse begraafplaats, ook wel het Jodenbosje genoemd is gelegen aan de Machinekade nabij het Nederlandse dorp Maarssen. Het was in het verleden ook bekend als 'het Jodenkerkhof onder Tienhoven'. Deze Joodse begraafplaats werd na diverse afwijzingen in 1749 gesticht door de 'Hoogduytsche Joodse Gemeijnte van Maarseveen'. Deze was daar gevestigd omdat Joden tot 1789 niet in de nabijgelegen stad Utrecht mochten wonen. In 1926 vond er de laatste begrafenis plaats. Op het oude gedeelte werden in 1937 twee grafstenen uit 1764 en 1765 teruggevonden, van de uit de negentiende eeuw bekende graftekens van hout was toen niets meer aanwezig. Begin 21e eeuw was de begraafplaats aan de Machinekade ernstig vervallen en geheel overwoekerd. Er volgde restauratie door onder andere Landschap Erfgoed Utrecht, het beheer wordt sindsdien verzorgd door een groep vrijwilligers. De begraafplaats is gewaardeerd als gemeentelijk monument.
Bron: nl.wikipedia.org


Betekenis van Joodse begraafplaats toevoegen.
Betekenis:
NSFW / 18+
Aantal woorden:

+ Meer opties
Naam:
E-mail: (* optioneel)
 

<< Frédéric August Bartholdi RTC Luik >>

Betekenis-definitie.nl is een internet woordenboek geschreven door mensen zoals jij en ik!
Help mee, en voeg een woord toe. Alle soorten woorden zijn welkom!

Betekenis toevoegen