Betekenis optimist

Wat betekent optimist? Hieronder vind je 5 betekenissen van het woord optimist. Je kunt ook zelf een definitie van optimist toevoegen.

1.

5   2

optimist


Dat je het leven wil begrijpen, en dat je niet moet geloven wat er gezegd wordt
Deni op 2014-05-18

2.

2   8

Optimist


De Optimist is een eenmans jeugdzeilboot. Optimisten hebben een spriettuig, een zeiloppervlakte van 3,5 m2 en zijn 2,30 m lang x 1,15 m breed. De boot is eenvoudig zelf te bouwen. Tegenwoordig zijn de meeste optimisten van polyester gemaakt, maar ze kunnen ook van hout zijn. De mast, giek, spriet en zwaard zijn meestal van aluminium gemaakt, maar ook deze kunnen van hout zijn. De Optimistklasse is de grootste wedstrijdklasse, zowel nationaal als internationaal. Kinderen mogen wedstrijdzeilen in de Optimist tot en met het kalenderjaar waarin ze vijftien worden. Daarna stappen ze vaak over op een andere eenmans jeugdzeilboot zoals de Splash, de Europe of de Laser.
Bron: nl.wikipedia.org

3.

2   8

optimist


optimisme zn. ‘geloof in het beste’ Nnl. optimismus ‘leer van Leibniz van de beste wereld’ [1824; Weiland], optimisme ‘neiging het beste te verwachten’ in belachelyk optimisme [1860; WNT belachelijk], voorbeeldig optimisme [1867; WNT voorbeeldig], ‘geloof in het beste’ in optimisme ... al het verkeerde in de wereld verbloemen [1872; WNT]. Ontleend, mede via modern Latijn optimismus, aan Frans optimisme ‘neiging alles positief te zien’ [1788; TLF], eerder ook al ‘wijsgerig stelsel, geloof in het beste’ [1737; TLF], dat afgeleid is met het achtervoegsel -isme ‘leer’, zie → -isme, van wetenschappelijk Latijn optimum ‘het hoogste’, zie → optimaal, een term die de Duitse wiskundige en filosoof Gottfried Wilhelm Leibniz (1646-1716) voor het eerst gebruikte in de betekenis ‘het beste’. Leibniz stelde in zijn filosofie dat de wereld, al lijkt dat niet zo, zo volmaakt is als zij kan zijn, omdat God de orde der dingen heeft vastgelegd; hij gebruikte voor die “beste aller werelden” de term optimum ‘het beste, het hoogste’. Franse jezuïeten noemden zijn theorie optimisme en dat woord kreeg algemene bekendheid toen Voltaire (1696-1778) de ideeën van Leibniz aanviel in Candide ou l'Optimisme (1759). ♦ optimist zn. ‘persoon die geneigd is alles positief te zien’. Nnl. optimist ‘aanhanger van de leer van Leibniz’ [1824; Weiland], ‘positief ingesteld persoon’ [1848; WNT staatsorde], de optimist wijst op de vooruitgang der beschaving [1878; Archief Eemland]. Ontleend aan Frans optimiste ‘positief ingesteld persoon’ [1788; TLF], eerder ook al ‘aanhanger van het optimisme’ [1752; TLF], afleiding van optimisme met het achtervoegsel -iste, zie → -ist. ♦ optimistisch bn. ‘geneigd alles positief te zien’. Nnl. optimistisch ‘getuigend van optimisme’ in mijn optimistisch schrijven aan V. [1817; WNT zwaarmoedigheid], voor eene al te optimistische beschouwing behoort men zich te wachten [1872; WNT beschouwing]. Afleiding in het Nederlands van optimist met het achtervoegsel → -isch.
Bron: etymologiebank.nl

4.

1   7

optimist


De tunnel is nooit zo donker of het wordt wel weer eens licht.
 Herbert op 2013-12-28

5.

1   8

optimist


  • een mannelijk iemand die alles van de positieve kant beschouwt
  • optimist (mannelijk) ; een mannelijk iemand die alles van de positieve kant beschouwt.
  • optimiste (vrouwelijk) ; een vrouwelijk iemand die alles van de positieve kant beschouwt.
  • optimistisch
  • optimist / optimiste
    Bron: nl.wiktionary.org


  • Betekenis van optimist toevoegen.
    Betekenis:
    NSFW / 18+
    Aantal woorden:

    + Meer opties
    Naam:
    E-mail: (* optioneel)
     

    << optimisme Option >>

    Betekenis-definitie.nl is een internet woordenboek geschreven door mensen zoals jij en ik!
    Help mee, en voeg een woord toe. Alle soorten woorden zijn welkom!

    Betekenis toevoegen