Betekenis deur

Wat betekent deur? Hieronder vind je 8 betekenissen van het woord deur. Je kunt ook zelf een definitie van deur toevoegen.

1.

0   0

deur


  • een afsluiting van een toegang tot een ruimte, gemaakt van hout, metaal of kunststof De deur werd met een koevoet uit zijn sponningen gelicht. Voorzetsel deur
  • door Voorzetsel deur
  • door
    Bron: nl.wiktionary.org

  • 2.

    0   0

    Deur


    De deur is een van de belangrijkste onderdelen van een gebouw. De ingang wordt ermee afgesloten en daarmee wordt het interieur van de soms boze buitenwereld afgesloten. Het zal dan ook geen verbazing wekken dat in het verleden heel wat rituelen de deur betroffen. Bij het kerkportaal moet de duivel buitengehouden worden. Bij verdedigingswerken, zoals de stadspoort, berust de angst niet op mythen. Een goed slot is echter ook voor een gewoon huis onmisbaar. Het hang- en sluitwerk kan deel uitmaken van de vormgeving: middeleeuwse deuren kennen vaak fraai geheng. Het materiaal van de deur is meestal hout, al dan niet bekleed met, bijvoorbeeld, brons. Maar geheel bronzen deuren komen ook voor, vaak rijk versierd. Meestal is een forse ingang voorzien van een dubbele deur. Hierin kan een winket opgenomen zijn als gemakkelijke toegang. De boven- en onderdeur is bij veel oudere huizen, zoals boerderijen, aan te treffen.
    Bron: documentatie.org

    3.

    0   0

    deur


    Zie opdekdeur, stompe deur, stolpdeur, glasdeur, paneeldeur, porte brisée, roldeur, schuifdeur, serliana, spiegelstuk, en-suite-deuren, vlakke deur, vleugeldeur, wisselsponnning en deuren. "Standaardmaten voor deuren: - breedte: 630 mm + x * 50 mm; dus 680 mm, 730 mm, 780 mm enz.. - hoogte: 2015 mm + x * 100; dus 2015 mm, 2115 mm enz. - verplichte deuren: > 850 mm * 2300 mm vrije doorgang." Eng. door; sluisdeur is gate
    Bron: joostdevree.nl

    4.

    0   0

    Deur


    Huisdeur = Huisdeur, Voordeur
    Bron: complete-encyclopedie.nl

    5.

    0   0

    Deur


    Een deur is een beweegbaar (bouwkundig) element ter afsluiting van een ruimte. In een gebouw is een deur meestal bevestigd (afgehangen) in een kozijn, dat weer in een muur of wand is aangebracht.
    Bron: nl.wikipedia.org

    6.

    0   0

    deur


    deur zn. ‘beweegbare toegang tot huis, kamer etc.’ Onl. duri (mv.) ‘deuren’ [10e eeuw; W.Ps.]; mnl. dore, duere ‘deur’ [1284; CG I, 831], dure; vnnl. deur. Een erfwoord dat in het Germaans en ook in andere Indo-Europese talen voorkomt in de dualisvorm, als aanduiding van twee deurhelften. Os. duru; ohd. turi (mv.) (nhd. Tür (ev.)); oe. duru (ne. door (ev.)), ofri. dure, dore (nfri. doarI (ev.)); on. dyrr (mv.) (nzw. dörr (ev.)); got. *dauro (alleen als accusatief mv. daurons); < pgm. *duri- ‘deur’, eigenlijk een dualisvorm. Verwant met Latijn forēs (mv.) ‘deur’; Grieks thúra ‘id.’; Sanskrit dvā́rah ‘deur, poort’, Avestisch dvarem ‘poort, hof’; Oudkerkslavisch dvĭri (dualis) ‘deur’ (Russisch dveri, Tsjechisch dveře), dvorŭ ‘erf’; Litouws dùrys (mv.) ‘deur’, dvāras ‘erf’; Armeens durn ‘deur, hof’; Albanees derë ‘deur’ < pie. *dhur- ‘deur’ (IEW 278-79). De -eu- van deur is ontstaan door umlaut van korte klinker in open lettergreep.
    Bron: etymologiebank.nl

    7.

    0   0

    deur


    puerta, la
    Bron: educatie.ntr.nl

    8.

    0   0

    Deur


    Deur, v. (-en), sluiting (van hout, ijzer of glas) aan huizen enz.; (ook) ingang; aan de - kloppen; door de - binnenkomen; de - uitgaan; de - bijzetten, bijhalen, niet geheel sluiten; eene dubbele -, (zoogenaamde) groene of winterdeur, (ook) deur met twee vleugels, porte brisée; van - tot - bedelen; eene regtszaak met gesloten -en behandelen, (die te onzedelijk of te netelig is om in het openbaar te behandelen); eene vergadering met gesloten -, (welker beraadslagingen niet mogen bekend worden); voor eene gesloten - komen, iem. niet te huis vinden; ik kom niet voor de -, ga niet uit; (fig.) met de - in het huis vallen, plotseling met iets voor den dag komen; dat doet de - toe, dat bekroont de zaak, daarop valt niets meer te zeggen (ten goede of ten kwade); de winter staat voor de -, is nabij; dat zet de - voor alle misbruiken open, geeft aanleiding daartoe; deur- en venstergeld, zekere belasting. *-, bijw. verbasterde uitdrukking voor DOOR. *-BESLAG, o. (-en), slot, grendels, hengsels, knieren (aan eene deur). *-BLAD, o. (plant.) zek. kruid. *-DORPEL, *-DREMPEL, o. (-s). *-DUIM, m. (-en), waarop het hengsel draait. *-HENGSEL, o. (-s). *-KLINK, v. (-en). *-KLOPPER, m. (-s). *-KNOP, m. (-pen). *-KOZIJN, o. (-en). *-LIJST, v. (-en). *-POST, v. (-en). *-RING, m. (-en). *-STIJL, m. (-en), deurpost. *-VLEUGEL, m. (-s). *-WAARDER, m. (-s), geregtelijk beambte. -SCHAP, o. gmv. *-WACHTER, m. (-s), portier. -ES, v. (-sen), portierster. *-WAS, o. (plant.) deurblad.
    Bron: dbnl.org


    Betekenis van deur toevoegen.
    Betekenis:
    NSFW / 18+
    Aantal woorden:

    + Meer opties
    Naam:
    E-mail: (* optioneel)
     

    << Deunte deurcleet >>

    Betekenis-definitie.nl is een internet woordenboek geschreven door mensen zoals jij en ik!
    Help mee, en voeg een woord toe. Alle soorten woorden zijn welkom!

    Betekenis toevoegen